Vlaamse onderwijsinstellingen starten met phishingsimulaties via Leuvense Phished

Het Leuvense bedrijf Phished heeft een aanbesteding gewonnen om de Vlaamse universiteiten, hogescholen en gelieerde instellingen van cyber-awarenesstraining via phishingsimulaties te voorzien. De aankoop is op meerdere vlakken een primeur.

De werkgroep cybersecurity van de Vlaamse Interuniversitaire Raad (VLIR) heeft beslist om in zee te gaan met Phished: een scale-up uit Leuven die gespecialiseerd is in cyberopleiding via gesimuleerde phishingcampagnes om bewustzijn te creëren bij werknemers. De raamovereenkomst omvat alle Vlaamse universiteiten, verschillende geassocieerde hogescholen en enkele andere universitaire instellingen zoals het UZ Gent en het UZA. Binnen de overeenkomst kunnen de afzonderlijke organisaties licenties afnemen bij Phished.io om zelf campagnes op te zetten.

Tienduizenden doelwitten

De overeenkomst heeft in eerste instantie betrekking op 72.000 personeelsleden verspreid over de deelnemende instellingen, met de optie om aan een gunstig tarief nog licenties voor meer dan 260.000 studenten af te nemen. Het contract loopt over een periode van vier jaar.

“We zochten specifiek naar een product waarmee we phishingsimulaties konden uitvoeren, met daaraan gekoppelde leermodules”, zegt Michel Raes, IT Security Officer bij de Universiteit Gent. Hij heeft de aanbesteding mee opgesteld. “Verder moest het product zo autonoom mogelijk werken, zodat we niet al te veel menselijk kapitaal moeten investeren.”

Phished voorziet gelokaliseerde phishingcampagnes die inspelen op de Vlaamse leefwereld en ondersteunt die met AI, zodat ze sterk geautomatiseerd kunnen worden. De campagnes zijn verschillend maar kunnen bijvoorbeeld over Sinterklaas gaan, en niet over de Fourth of July in de VS. Verder worden de resultaten van werknemers gekoppeld aan onmiddellijke feedback. Het bedrijf beschikt daarvoor over trainingen op maat: een dienst die eind 2020 werd geïntroduceerd en in dit verhaal een relevant argument was.

Schaalvoordeel

De VLIR-universiteiten hoopten door hun krachten te bundelen via een gezamenlijke aankoop een schaalvoordeel te genereren. “Door samen voor dezelfde leverancier te kiezen, kunnen we ervaringen uitwisselen, maar hoopten we ook op een goede prijs”, vertelt hij. Phished voldeed in eerste instantie aan alle kwalitatieve eisen van de aanbesteding, waarop Frederik Van de Meulebroucke, CCO van Phished, trots is. Verder kon het bedrijf inderdaad een economisch interessant voorstel afleveren.

Door samen voor dezelfde leverancier te kiezen, hoopten we op een goede prijs.

Michel Raes, IT Security Officer Universiteit Gent

De gezamenlijke aanbesteding is een primeur voor de cybersecuritywerkgroep binnen de VLIR en daardoor een teken aan de wand voor het belang van dergelijke campagnes binnen moderne cyberbeveiliging. “Onze werkgroep cybersecurity zoekt vooral gemeenschappelijk begrip over onderwerpen die alle universiteiten aanbelangen”, verduidelijkt Raes. “Het is de allereerste keer dat we een aankoopdossier hebben opgesteld waar alle partners unaniem achterstonden.”

Wandelen op eierschalen

De invulling van het raamcontract is de verantwoordelijkheid van de deelnemende instellingen, al verwacht Raes wel dat de meesten zullen starten met simulaties voor het gros van hun personeel. Binnen de Universiteit Gent bouwt hij samen met zijn team de simulaties geleidelijk aan op met de ambitie om uiteindelijk alle 13.000 personeelsleden te betrekken. Naar eventuele campagnes voor studenten, wordt op een later tijdstip gekeken.

lees ook

Hoe bescherm je jouw school tegen cyberaanvallen?

Voor de campagnes zelf plant Raes om er bewust iets minder uit te sturen dan best practices misschien wel vereisen. “Dat zouden er redelijk veel zijn. Wekelijks een mail sturen gaat niet; we moeten een beetje op eierschalen lopen. E-mail is eigenlijk best oude technologie. We proberen de beveiliging ervan langs de ene kant onder controle te houden met allerhande mechanismen. Langs de andere kant is e-mail nu eenmaal een zeer kritisch communicatiemiddel voor de academische wereld. Zij krijgen al gigantisch veel e-mails, een wekelijkse simulatie zou dan wat veel zijn.” Raes plant een middenweg te bewandelen met tests gebouwd rond een maandelijkse frequentie.

Grootste aanbesteding

Van de Meulebroucke is trots dat Phished de aanbesteding gewonnen heeft. “Het is het grootste aanbesteding die dit jaar in België werd uitgeschreven”, zegt hij. “Als Belg ben ik bovendien heel fier dat onze universiteiten zo’n voortrekkersrol spelen. Michel Raes en de VLIR verdienen een pluim op de hoed. Zij begrijpen wat nodig is: niet alleen een testje per kwartaal maar relevante tests op regelmatige basis, gekoppeld aan trainingen.”

Hij wijst verder naar de Europese NIS 2-richtlijn die volgend jaar van kracht gaat. “Die verplicht het hoger management om opleidingen rond phishing te volgen. Het is slim om daar op tijd mee aan de slag te gaan.”

Vechten tegen de bierkaai

In afwachting tonen de Vlaamse Universiteiten samen met Phished dat gesimuleerde phishing-campagnes en trainingen een belangrijk onderdeel zijn van een goede cyberbeveiliging. Phishing is niet voor niets de voornaamst vector waarlangs aanvallers en malware zich een weg tot in het netwerk banen. “In 2018 was het nog vechten tegen de bierkaai”, besluit Van de Meulebroucke. “Het was moeilijk om organisaties te overtuigen van het belang van awarenesstraining. Vandaag is dat stilaan anders.”

Hoe schakel je de webcam van je laptop uit?

Ben je niet dol op pottenkijkers? Zet de webcam van je laptop dan uit wanneer je niet in beeld moet verschijnen. Zo scherm je jezelf af van ongewenste kijkers.

In tijden van de Digisprong is de laptop uitgegroeid tot een belangrijk instrument. Wie veel moet videobellen, heeft zijn of haar webcam bijna voortdurend aanstaan. Maar ook als we zelf niet voor de camera moeten verschijnen, houden we die vaak op de achtergrond nog actief.

Dat is niet zonder risico. Zoals elk onderdeel op je laptop is ook de webcam niet immuun voor cyberaanvallen. Hackers met voyeuristische neigingen kunnen via malware de controle op je webcam overnemen en je, zonder dat je dat zelf doorhebt, in de gaten houden en/of opnames maken. Het kan daarom geen kwaad je webcam uit te schakelen wanneer je die niet actief moet gebruiken.

Tegenwoordig zien we meer laptops verschijnen met webcamcovers om de privacy beter te beschermen. Je ziet ook regelmatig mensen post-its op hun laptopwebcam kleven, maar fabrikanten raden dit af omdat het kleefmiddel op de sticker het chassis kan beschadigen. Wij tonen je hoe je via de instellingen van je laptop bepaalt wanneer de camera’s mogen draaien.

Stap 1: Toegang tot webcam beheren (Windows)

Heb je een Windows-apparaat, ga dan in de instellingen naar Privacy & Security en vervolgens Camera. Dit menu toont welke applicaties je ooit toegang hebt gegeven tot de webcam van je laptop. Applicaties met de juiste machtigingen kunnen de webcam automatisch aanzetten wanneer je de app gebruikt, ook wanneer je die niet nodig hebt voor de sessie.

Je kan de machtiging per app individueel aanpassen, of de cameratoegang in één klap uitschakelen voor alle apps. Dit reduceert de kans dat de webcam ongevraagd wordt aangezet. De meeste laptopmodellen tonen je aan de hand van een lichtindicator wanneer de webcam aanstaat. Merk je dat een bepaalde app je webcam aanzet wanneer dat voor jou niet hoeft, dan kan je deze controle nogmaals uitvoeren.

Het ontzeggen van de toegang tot de webcam kan de werking van bepaalde applicaties wel beïnvloeden. Vereist je leerkracht dat je je camera aanzet tijdens virtuele lessen, dan zal je voor Teams of Zoom een uitzondering moeten maken.

Stap 2: Webcam uitzetten met Apparaatbeheer

Apparaatbeheer biedt de oplossing voor al je Windows-problemen en hier kan je ook webcams aan- en uitzetten. Navigeer door het menu naar Camera’s (aangeduid met een webcam-icoon). Vouw het menu open en klik met de rechtermuisknop op de webcam. Klik op Apparaat uitschakelen om je webcam uit te zetten.

Stap 3: Toegang tot webcam beheren (Mac)

De werkwijze in macOS is vrij gelijk aan die in Windows. Om de toegang tot je camera te beheren, open je de systeeminstellingen en navigeer je naar Privacy en Beveiliging en Camera. Je apparaat moet macOS Mojave of nieuwer draaien.

Net zoals we je eerder voor Windows toonden, zal je hier een lijst krijgen met apps die toegang hebben tot je camera. Schakel de toegang voor bepaalde apps of alle apps uit met de schakelaar en bevestig (indien gevraagd) de wijzigingen met je wachtwoord of FaceID. Via het menu Ouderlijk toezicht onder de systeemvoorkeuren kan je de webcam ook voor een bepaald gebruikersprofiel op het apparaat uitzetten.

Stap 4: Browsers

Ook tijdens het surfen zullen websites regelmatig toegang proberen te krijgen tot je webcam via pop-up vensters. Klik je om er vanaf te zijn op ‘Toestaan’ maar heb je daar nadien spijt van, dan kan je dat via de browserinstellingen nog ongedaan maken. We laten je de werkwijze voor Chrome zien, maar ook Firefox, Edge, Safari en andere browser hebben gelijkaardige instellingen.

Open de instellingen van Chrome (drie bolletjes rechts bovenaan) en ga naar Privacy & Beveiliging. Klik nu op Site-instellingen > Rechten > Camera. Hier kan je verschillende handelingen uitvoeren. Eerst stel je in of websites wel überhaupt toestemming mogen vragen.

Websites die wel toestemming hebben, worden onderaan weergeven. Door op het vuilbakicoon te klikken, trek je die toestemming in. Chrome toont je ook een ‘zwarte lijst’ met websites die je expliciet geen toestemming hebt gegeven.

Word jij de ICT-coördinator van het jaar 2023?

Wie volgt Kristof Beckers op als strafste ICT-coördinator? Na een pauze van twee jaar is de zoektocht naar de ICT-coördinator van het jaar opnieuw opgestart.

De Vlaamse ICT-coördinatorenliga Vicli organiseert samen met Signpost en ICT-praktijkdag de wedstrijd ICT-coördinator van het jaar. Na laureaat Kristof Beckers in 2020 drukten de organisatoren noodgedwongen (Corona, weet je wel) de pauzeknop in. Nu het leven zich normaliseert krijgen de strafste ICT’ers opnieuw de kans om in de prijzen te vallen.

Niet één maar twee winnaars

Jasper Cuvelier (2017), Bertien Boon (2018), Jonas Nackaerts (2019) en Kristof Beckers krijgen op 6 februari 2023 een opvolger of opvolgster. Of beide, want de organisatoren trekken deze keer alle registers open. “We zoeken twee nieuwe ICT-coördinatoren van het jaar”, verduidelijkt Koen Vandenhoudt van Vicli. “Het gaat om een technisch en pedagogisch ICT-coördinator.”

“Sinds Corona zien we een ander beeld in scholen als het gaat over de taak van een ICT-coördinator. We willen het signaal geven dat die persoon niet langer het manusje-van-alles is. Door de functie op te splitsen, verandert ook de taak van de ICT-coördinator. Eigenlijk zijn het twee verschillende functies en daarom hebben we ervoor gekozen om één technische en één pedagogische ICT-coördinator in de kijker te zetten.”

Kristof Beckers, ICT-coördinator van het jaar 2020

Nomineer een collega (of jezelf)

Vicli verstuurde een nominatie-oproep naar meer dan 3.000 contacten. Iedereen die in Vlaanderen is tewerkgesteld kan trouwens een persoon (of zichzelf) naar voor schuiven om de prijs in de wacht te slepen. Nomineren kan tot 15 januari 2023 via dit online formulier. Alle genomineerden krijgen een bericht van Vicli en een uitnodiging voor de ICT-praktijkdag op 6 februari.

Na de nominatieronde begint het werk voor de vakjury. Zij zullen over alle nominaties beraadslagen en twee winnaars aanduiden. In de vakjury zetelen de stuurgroepleden van Vicli samen met vertegenwoordigers van Signpost, ICT-praktijkdag en Digitaal Centrum Leren PXL. De winnaars worden bekendgemaakt tijdens de ICT-praktijkdag in Leuven.

Beide winnaars ontvangen een Lenovo Thinkpad E15, LED-monitor, een trofee en een professionele video-opname op school. Het spreekt voor zich dat de laureaten eveneens een prominente plaats zullen krijgen in onze rubriek ICT-coördinator aan het woord.

Dag van de Wetenschap (27 november) groter dan ooit

De twaalfde editie van de Dag van de Wetenschap trekt dit jaar alle registers open. Na twee online Corona-edities is het komend weekend goed raak voor de liefhebbers van wetenschap en techniek. Zelfs Vlaams minister Jo Brouns reserveerde al een plaatsje.

Zondag 27 november staat met stip aangeduid in duizenden agenda’s. Na twee online edities door de verduvelde Coronapandemie zwieren de deuren keihard open van labo’s, hogescholen, onderzoeksinstellingen, musea, STEM-academies, universiteiten en zo veel meer locaties, in Vlaanderen en Brussel.

(a)live and kicking

Het staat in de sterren geschreven dat de twaalfde editie van de Dag van de Wetenschap meer dan ooit de moeite zal zijn. Met nu al 853 activiteiten op 114 locaties, plus 117 digitale activiteiten, verbreekt uitgave 2022 alle records. Nog een cijfer: 150 verschillende organisaties zorgen voor een gevarieerd programma voor jong en oud en laten zowat alle wetenschapsdomeinen aan bod komen.

Keuze genoeg voor wie zondag zin heeft in een dagje wetenschap. Workshops, lezingen, demo’s, rondleidingen, het kan allemaal in Vlaanderen en Brussel. Voor het eerst sinds 2019, de laatste ‘live’ editie, vinden opnieuw verschillende wetenschapsfestivals plaats. Ook de STEM-academies, waar kinderen en jongeren doorheen het jaar workshops volgen, nemen voor het eerst deel aan de Dag van de Wetenschap.

lees ook

Focus op STEM en talen in nieuwe eindtermen

Bekend volk op de afspraak

De organisatie verwacht tienduizenden enthousiastelingen, komende zondag overal in Vlaanderen en Brussel. Onder hen ook heel wat schoon en bekend volk. Vlaams minister Jo Brouns (Economie, Innovatie,…) stippelde een mooie route uit samen met Stephane Berghmans (CEO Technopolis), meter Angelique Van Ombergen (ESA) en peter Frank Deboosere (weerman en klimaatkenner). In de voormiddag neemt het viertal deel aan activiteiten op Campus Diepenbeek van UHasselt. Na de middag staan het Thor Park en Energyville op de planning.

De Dag van de Wetenschap is een initiatief van de Vlaamse overheid, gecoördineerd door Technopolis. “Wij bieden met de coördinatie alle wetenschappers, instellingen, musea, hogescholen,… een demonstratieplatform aan”, zegt Stephane Berghmans. “Vlaanderen bruist van de wetenschap en innovatie, maar je kan er pas de volgende generaties mee inspireren als je dat aan de buitenwereld laat zien.”

Aftermovie van de eerste digitale Dag van de Wetenschap in 2020

#DVDW2022

De Dag van de Wetenschap biedt naast de fysieke evenementen ook meer dan 100 digitale activiteiten aan. Wie geen vervoer heeft om wie gewoon lekker thuis wil blijven, kan online deelnemen aan 360°-tours, podcasts, digi-quizzen, doe-en bouwpakketten, shows, experimenten, enzovoort. Veel van die activiteiten blijven online zodat het eigenlijk elke dag een Dag van de Wetenschap kan zijn.

De Dag van de Wetenschap is online te volgen via #DVDW2022 op Facebook, Instagram, YouTube en Twitter. Deelnemers kunnen via de hashtag zelf hun bijdrage op sociale media posten.

Het volledige programma kan je vinden op de website van de Dag van de Wetenschap.

Ethics@KU Leuven laat ethische stemmen luider klinken

De nieuwe leerstoel Ethics and AI brengt onderzoekers uit verschillende faculteiten, gespecialiseerd in ethiek, samen in een denktank.

Morgen, woensdag 9 november, vindt de inhuldiging plaats van de nieuwe initiatief waarvan de leerstoel Ethics and AI onderdeel is. De denkgroep heeft als doel om alle aspecten van ethiek aan bod te laten komen. Van daaruit wil de universiteit fundamenteel onderzoek verrichten naar ethiek in de brede zin en artificiële intelligentie. Professor Helder De Schutter is voorzitter van de denkgroep Ethics@KU Leuven.

Interfacultair initiatief

Twee jaar geleden verenigden ethici uit de verschillende faculteiten en departementen van de KU Leuven zich. Het interfacultaire initiatief kreeg de naam Ethics@KU Leuven en als doel om de ethische stemmen van de KUL luider te laten klinken. In de groep bevinden zich onderzoekers gespecialiseerd in alle aspecten van ethiek, in de brede zin van het woord.

De opsomming van de verschillende domeinen maakt duidelijk dat ethiek overal in verweven zit. Theologische ethiek, filosofische ethiek, politieke ethiek, biomedische ethiek, ethiek van technologie, rechtsethiek, socio-economische ethiek, sportethiek, enzovoort hebben allemaal hun plaats in de denkgroep. Na twee jaar interne vergaderingen en denkmomenten is Ethics@KU Leuven klaar om naar buiten te treden.

Venster openen

Ethics@KU Leuven brengt onderzoekers uit verschillende vakgebieden samen voor meer dan een gezellige babbel. “We merken dat collega’s uit verschillende domeinen vaak met dezelfde ethische vraagstukken te maken krijgen”, zegt voorzitter professor Helder De Schutter. “In plaats van elk apart te blijven werken, willen we nu samen aan de slag gaan. Dat kan gaan over thema’s zoals keuzes die een zelfrijdende auto mag en moet maken maar even goed over de ethische gevolgen van de Brexit of AI in onderwijs.”

Met het initiatief wil de KU Leuven een kaart maken van ethische thema’s binnen de universiteit. En dat niet alleen voor intern gebruik. “De groep hoopt als het ware een venster te openen voor buitenstaanders. Op die manier krijgen ze een beeld van de zaken waarmee we bezig zijn. Omdat ethiek overal een plaats heeft, spreken de thema’s ongetwijfeld een groot publiek aan.”

Startdag 9 november

Morgen, woensdag 9 november, presenteert Ethics@KU Leuven zich voor het eerst aan pers en publiek tijdens een startmoment. Voorzitter Helder De Schutter en Lien De Proost openen het programma. Nadien volgen lezingen door Don Heider en Dorothée Camaniti (beiden Markkula Center for Applied ethics), rector Luc Sels, paneldiscussies rond AI en ethiek, een boekbespreking We, Robots en uiteraard de inauguratie van de leerstoel Ethics and AI.

De denkgroep heeft de ambitie om op regelmatige basis van zich te laten horen. “Langs het geopende venster willen we mensen op de hoogte houden van de zaken waarmee we aan de slag zijn gegaan. We plannen drie momenten per jaar. Eén groter event waarbij we een specialist in het ethische vakgebied uitnodigen. Daarnaast plannen we een interne studiedag en een moment waarin we zullen nadenken over ethiek binnen de universiteit”, besluit professor De Schutter.

Het startmoment vindt plaats in Agora, aula Emma Vorlat (Parkstraat 47 in Leuven).  Meer informatie over Ethics@KU Leuven, met onder andere het volledige programma van de inauguratie, is terug te vinden op de website.

Hoe bescherm je jouw school tegen cyberaanvallen?

Steeds meer scholen krijgen te maken met cyberaanvallen zoals ransomware. Beschermen is de boodschap want de gevolgen kunnen lang, ingewikkeld en duur zijn.

Ransomware-aanvallen treffen niet alleen grote bedrijven of organisaties. Ook scholen krijgen er steeds vaker mee te maken. In augustus gaven we al mee dat vorig jaar liefst 60 procent van alle schoolinstellingen te maken kreeg met een aanval. De onderzoekers van Sophos concludeerden toen dat die aanvallen niet meteen zullen ophouden. Beschermen is dus de boodschap, want jou school zou zomaar eens het volgende slachtoffer kunnen zijn.

Zware en dure gevolgen

Een school in de Verenigde Staten kan sinds kort ook meepraten over de gevolgen van een ransomware-aanval. Nadat hackers toegang kregen tot vier beveiligingscamera’s, slaagden ze er in om een weekend lang data te versleutelen. Toen de directeur op maandag de school in Texas opende, lag het volledige systeem plat.

De gevolgen waren groot. Pas na enkele weken slaagden security-experts er in om de basisdiensten te herstellen. Het zou nog zes maanden duren vooraleer de school opnieuw alles online, en vooral beter beveiligd kreeg.  De hackers vroegen initieel anderhalf miljoen dollar aan bitcoin om de versleutelde data terug te geven. Iets wat de school uiteraard niet betaalde. Mocht je denken dat de aanval plaatsvond vanuit een obscure uithoek ergens in Rusland, vergeet het maar. De hackers bleken een paar niet zo vriendelijke Noorderburen te zijn.

lees ook

Wat maakt scholen zo kwetsbaar voor ransomware aanvallen?

Cyberaanval in vijf fases

Straks gaan we dieper in op hoe je jouw schoolomgeving kunt beveiligen tegen cyberaanvallen. Eerst iets over de aanval zelf want die verloopt steevast volgens een bepaald stramien. Er zijn vijf belangrijke fases in  een cyberaanval. Die begint altijd met een landing waarbij de hackers controle proberen te krijgen over een eerste machine. Nadien volgen twee fases van verkenning en rondsluipen in het systeem.

In fases vier en vijf gaan de criminelen over tot de echte actie. Tegen die tijd is het uiteraard al veel te laat om actie te ondernemen. Ze stelen in die fases de data en verschepen ze naar een versleutelde locatie. Wanneer het om ransomware gaat, dan zullen de hackers een losgeld eisen om de data terug te geven. Lees meer over de verschillende fases van een cyberaanval en wanneer je als slachtoffer nog kan ingrijpen in dit artikel op onze zusterwebsite ITdaily.

lees ook

Hou de controle: het belang van lokale back-ups in je beveiligingsstrategie

Voldoende beschermen is de boodschap

Netwerkdetectie en respons zijn essentieel in het voorkomen van schade door een cyberaanval. Dat zijn niet onze woorden maar die van Stijn Rommens, Director Security Engineering bij Vectra, in boven vernoemd artikel. Daarom is een constante monitoring van het netwerk van groot belang. Uiteraard kan niet elke ICT-coördinator zich uitsluitend daar mee bezig houden. Gelukkig zijn er naast de gekende virusscanners gespecialiseerde bedrijven die een bescherming op maat bieden.

Naast het monitoren van het netwerk zijn back-ups van onschatbare waarde, zo leert het voorbeeld van Vives. Via de tips in dit artikel kom je al een heel eind. Hou daarbij goed in de gaten wat er aan data is opgeslagen in het netwerk. Zorg voor voldoende bescherming van persoonlijke gegevens. Dat kan door sterke paswoorden te maken en een afdoende firewall te installeren.

Trap niet in de val

Elke organisatie is vatbaar voor cybercriminelen, hoe groot of klein ook. Dat is hetzelfde voor schoolomgevingen. Zelfs wanneer de opgesomde veiligheidsmaatregelen in acht zijn genomen, blijft het opletten om de hackers geen kansen te bieden. Phishing blijft bijvoorbeeld de meest voorkomende manier waarop malafide personen zich toegang verschaffen tot een netwerk.

Cyber-evangelist Eddy Willems liet in juni zijn licht schijnen over veelgemaakte fouten, die kunnen leiden tot problemen. De eerste fout gaven we al mee, phishing. Willems hamert in een artikel op ITdaily op het regelmatig trainen om niet in de val te trappen. Verder benadrukt Willems het belang van Multifactor authenticatie (MFA). Hij raadt bedrijven en scholen aan om geen patch uit de weg te gaan zodat elk toestel in het netwerk up-to-date is.

Op elk toestel horen securitytools, ook op smartphones. Daarbij vraagt Willems om de oudere toestellen niet te vergeten. Tot slot raadt hij af om werk uit te voeren op een privé-pc. Dat kan gevaarlijk zijn. Andersom kan wel, indien het bedrijf of de school een goed permissiebeleid heeft uitgedokterd.

Conclusie

Voorkomen is ook in dit geval veel beter dan genezen. Elke school of universiteit kan zomaar ten prooi vallen aan cybercriminelen. Met alle (financiële) gevolgen van dien. Zorg voor constante monitoring van het netwerk, op zoek naar verdachte bewegingen. Heb je er niet de tijd voor, raadpleeg dan een beveiligingsfirma. Zorg ook voor de juiste reflexen bij de collega’s, leerkrachten en leerlingen inzake paswoorden en log-ins.

Dustin voorziet 22.000 medewerkers van Associatie KU Leuven van Apple-materiaal

Het contract voorziet naast nieuw materiaal ook onderhoud en herstellingen en kost de Associatie KU Leuven één miljoen euro per jaar.

De Associatie KU Leuven omvat, naast de universiteit zelf, de hogescholen Vives, Thomas More, UCLL, Odisee en Luca School of Arts. Het netwerk is verspreid over 23 campussen in Vlaanderen en Brussel en telt 110.000 studenten en 22.000 medewerkers. Om die medewerkers van geschikt IT-materiaal te voorzien, zocht de Associatie KU Leuven een nieuwe partner die Apple kon leveren. Via een Europese aanbesteding viel het contract in handen van Dustin.

Centraal team volgt bestellingen op

De Associatie KU Leuven trekt jaarlijks een budget uit van ongeveer een miljoen euro voor Apple-hardware en bijhorende services. De it-leverancier beschikt over een team dat alle aanvragen vanuit de Associatie KU Leuven behandelt en de bestellingen opvolgt. “De medewerkers kunnen via een tool aangeven waar ze nood aan hebben. Vervolgens krijgen ze een productcode die ze kunnen doormailen naar onze medewerkers, omdat wij als single point of contact fungeren”, zegt Joris Feyen, Sales Manager Public Sector bij Dustin.

Sinds de start van het contract leverde de IT-dienstverlener 565 toestellen die draaien met MacOS. De komende jaren garandeert de pc-leverancier ook een vlotte service na verkoop. De meeste toestellen van de Associatie KU Leuven zijn op dit moment nog gloednieuw en vertonen uiteraard weinig problemen. En als er toch een probleem optreedt, garandeert de verkoper de nodige continuïteit met een vervangtoestel en komt een team het toestel ter plaatse herstellen.

Alle faculteiten bestellen zelfstandig de toestellen en accessoires. Die worden uitsluitend gebruikt door de faculteitsmedewerkers en doctoraatstudenten. Dustin beschikt over heel wat expertise in de onderwijssector. Ongeveer 1.800 klanten in de sector doen al beroep op hun diensten.

Amazon lanceert E-inkttablet om op te lezen en schrijven

De nieuwe Kindle Scribe heeft de vorm aangenomen van een E-inkttablet. Het is daarom mogelijk het toestel als een e-reader te gebruiken, maar ook aantekeningen kunnen op de tablet neergeschreven worden.

Amazon voegt een nieuw toestel een de Kindle-lijn toe. Het gaat om de Kindle Scribe en het beste is dat er meer functionaliteiten aan het toestel zijn dan alleen een e-reader zijn. De Kindle Scribe vormt een E-inkttablet en geeft gebruikers dus ook de mogelijkheid om zaken te noteren.

Notities nemen

Noteren doe je eenvoudig door op het scherm te tikken en een notitie te zetten op de door jou gekozen plaats. De notities vind je vervolgens terug in je Kindle-collectie. Noteren kan overigens wel alleen in zwart/wit, de Kindle Scribe heeft geen kleurenscherm.

PDF-formaten kan de tablet overigens ook openen. Net als opgeslagen websites en andere bestandstypes. Door een samenwerking met Microsoft zal er in Word zelfs een knop te vinden zijn die je bestanden rechtstreeks naar je Kindle stuurt. Werk je dus aan een document op je laptop, dan stuur je het eenvoudig naar de Kindle Scribe door om later opnieuw te lezen of nog korte opmerkingen te noteren.

Bron: Amazon

Voor de tablet heeft de fabrikant al verschillende templates klaarliggen. Zo is er al een pagina die je eenvoudig kan openen om to-do-lijstjes in te maken en één om notities te kunnen nemen tijdens een online vergadering.

Specificaties

Om de tablet meer functionaliteiten te bieden, kan je niet blijven vasthouden aan het kleine schermformaat dat de meeste e-readers kenmerkt. De Kindle Scribe heeft een 10,2 inch scherm, weegt 433 gram en draagt de stylus aan de zijkant. De pixeldichtheid van dat scherm ligt op 300 ppi.

De batterij zou volgens Amazon twaalf weken meegaan als je iedere dag dertig minuten leest op het apparaat. Het schrijven slurpt de batterij wel sneller leeg doordat het scherm op dat moment vaker zal moeten vernieuwen.

De Kindle Scribe draait tot slot op de eigen Kindle-software. Apps installeren of een website openen zal daarom geen mogelijkheid zijn. Dat neemt een pak functionaliteiten weg, maar zorgt er ook weer voor dat je ongestoord kan verder werken op je toestel.

Bron: Amazon

De Kindle Scribe is te koop vanaf 339,99 dollar in de VS, in Europa zal de prijs met grote waarschijnlijkheid starten vanaf 370 euro. De tablet is verkrijgbaar in drie soorten: 16 GB, 32 GB of 64 GB. Bij de prijs inbegrepen zit de basispen, kies je voor een premium-variant dan komt er bij de prijs 30 dollar in de VS bij. De premiumpen heeft een gomfunctie en een sneltoets ingebouwd die je zelf kan instellen. Vanaf 30 november start de officiële verkoop.

Docenten én studenten verkiezen blended les met papieren studiemateriaal

Uit een enquête afgenomen door Acco blijkt dat zowel docenten als studenten blended lessen (live en online) omarmen. Op voorwaarde dat er meeste lessen nog live kunnen worden bijgewoond.

Tot voor enkele jaren was er geen sprake van online lesgeven. Tijdens de coronapandemie, waar live lessen bijwonen verboden was, sloeg de slinger helemaal door naar de online kant. Toen al was de grote vraag waar de toekomst lag van het lesgeven. Was het opnieuw helemaal live in aula, volledig online of toch nog in een blended vorm (live en online lessen)?

Acco, uitgeverij, drukkerij en boekhandel voor en door studenten gaat sinds enkele jaren met het thema aan de slag. In juni voelde Acco zowel studenten als docenten aan de tand om hun voorkeur te kennen. 1123 studenten en 119 docenten namen deel aan de enquête. De uitgever wilde niet alleen weten welke manier van lesgeven hun voorkeur wegdroeg. Ook het lesmateriaal kwam ter sprake. En dat leidde tot een paar opvallende vaststellingen.

Blended lesgeven en studiemateriaal

In de bevraging zegt 53 procent van de docenten dat hun onderwijsinstelling verwacht dat ze blended studiemateriaal voorzien. 85 procent van hen biedt dat ook effectief aan. Blended lesgeven is dan weer ingeburgerd bij 80 procent van de docenten. Langs de studentenzijde wil 71 procent blended studiemateriaal hebben en 69 procent is voorstander van die gemengde vorm van lesgeven.

“We merken uit de studie dat de focus van hoger-onderwijsinstellingen is veranderd in de richting van blended lesgeven en dito studiemateriaal”, zegt Inge Vander Velpen, CEO van Acco. “Sinds 2015 zien we een gestage stijging van het aantal blended publicaties. We werken met de instellingen nauw samen om de docenten te ondersteunen in hun online en blended leercontentcreatie. Daarmee ondersteunen we ook uiteraard hun blended visie.”

63 procent live lessen

Studenten die de keuze hebben tussen live les volgen en/of die nadien te  herbekijken, dan verkiest 52 procent om fysiek naar de aula te gaan. 28 procent bekijkt de les liever thuis en 20 procent doet gewoon beide. Als het van de studenten afhangt, dan verkiezen ze dat 63 procent van de lessen, ongeveer twee derde dus, live plaats vinden de onderwijsinstelling. Daarmee zitten de studenten op dezelfde golflengte als hun docenten. Ook die verkiezen dezelfde ratio tussen live en online lesgeven.

Driekwart van de docente vreest vooral dat studenten het volgen van de lessen zullen uitstellen wanneer die ook online beschikbaar is. Bijna 80 procent vindt het zelfs moeilijker om studenten te motiveren wanneer ze minder naar de campus komen. In vergelijking met de studie in 2021 is het aantal studenten dat naar de les wil komen iets gedaald (van 68 naar 63 procent).

Papieren lesmateriaal

Naast blended lesgeven zijn de meeste studenten en docenten ook fan van een mix wat betreft het studiemateriaal. Slechts een kleine minderheid (respectievelijk 11,4 en 13 procent) kiest uitsluitend voor online materiaal. In vergelijking met de studie in 2021 drukken minder studenten de cursus af om de lessen te volgen. Er is een stijging merkbaar wanneer het materiaal nodig is om te studeren. Die trend ziet Acco bevestigd in de dagelijkse werking. “Om de kosten te drukken kiezen sinds corona onderwijsinstellingen en docenten regelmatig voor 100 procent online studiemateriaal”, zegt CEO Vander Velpen.

“Dit houdt echter geen rekening met de noden van de studenten. Uit de enquête blijkt dat 88 procent van hen een papier drager nog altijd als cruciaal ervaart. We zien dan ook een stijging bij de printopdrachten. De studie geeft ook aan dat 72 procent van de studenten digitaal materiaal afdrukt. Een even grote groep koopt liever een cursus dan die te moeten afdrukken. Daarom doen we bij Acco veel inspanningen voor een printservice en betaalbaar materiaal. Dat doen we door voor onze 230.000 aandeelhouders, onze studenten, een vaste lage bladprijs te onderhandelen”, besluit Inge Vander Velpen.

Hogeschool PXL stelt ‘Centrum Digitaal Leren’ voor

Hogeschool PXL investeert meer dan een miljoen euro in een opleidingscentrum voor digitaal leren.

De digitalisering in het onderwijs is niet meer te stoppen. De Vlaamse overheid investeert in de Digisprong waardoor scholen middelen kregen voor Chromebooks en andere digitale toepassingen. Hogeschool PXL ondersteunt leerkrachten en scholen met de oprichting van het Centrum Digitaal Leren (CDL) op campus Hasselt. Met de investering is een bedrag van ruim één miljoen euro gemoeid.

Mogelijkheden creëren

Hogeschool PXL, met verder nog campussen in Genk en Diepenbeek, wil met het Centrum de digitale ontwikkeling in scholen stimuleren. De hogeschool richtte een grote ruimte in als uitvalsbasis voor demonstraties, trainingssessies, lessen maar ook testprojecten, live-events en opnames. “De bedoeling van het centrum is om leerkrachten op didactisch en pedagogisch vlak te begeleiden om hun lessen nog aantrekkelijker te maken door de toepassing van nieuwe technologieën”, zegt directeur Onderwijs Heide Croes in een interview in HbvL “We doen dat aan de hand van een team experten die leerkrachten en andere bezoekers zullen begeleiden.”

Een leerkracht die in zijn klas de les geschiedenis boeiender wil maken, kan terecht in het Centrum. Via opnames voor een groen scherm, een greenkey, kan de leerkracht in kwestie zichzelf terug katapulteren naar pakweg de Griekse oudheid. “Dit idee is ontstaan tijdens de coronaperiode toen veel mensen thuis aan het experimenteren sloegen. Dat willen we professionaliseren en meer mogelijkheden geven”, vervolgt Wouter Hustinx, onderzoekshoofd CDL.

Aan de slag met Virtual Reality

Virtual Reality (VR) in de schoolomgeving staat hoog op het lijstje met mogelijkheden van CDL. Studenten kunnen in het centrum zelf de toepassingen van VR ervaren. Algemeen Directeur Ben Lambrechts ziet het graag gebeuren. “Er is al een technische school aan de slag gegaan. Ze maakten een filmpje over het gebruik van een kettingzaag. Daardoor wordt het in de les fysiek minder gevaarlijk en kan iedereen toch een duidelijk beeld krijgen. De techniek is een aanwinst voor het lesgeven in het algemeen.”

Hogeschool PXL investeert ruim één miljoen euro in het centrum. Een flinke som al is de Algemeen Directeur optimistisch over het gebruik van de infrastructuur. “De leerwinst via digitalisering is al lang aangetoond. We stellen het CDL ook verhuurbaar waardoor het een absolute meerwaarde zal zijn.3

COOL platform voor leerlingen en leerkrachten

Het COOL platform van Cloudwise vereenvoudigt de uitwisseling van educatief materiaal tussen leerkrachten, leerlingen en  ICT’ers. Schoolit testte de demoversie en we waren meteen verkocht.

Toepassingen en apparaten eenvoudig beheren, gemakkelijk inloggen en overzicht houden, dat zijn de drie kernbegrippen van het COOL platform. Alles draait om gebruiksgemak, zowel voor de leerling maar zeker ook voor de leerkracht. Met een simpele muisklik opent  meester Cédric een specifiek tabblad  bij al zijn studenten of blokkeert juf Evie de browsermogelijkheden van haar leerlingen. 

COOL staat voor Cloudwise Online Onderwijs Leerplatform en biedt een plek waar leerlingen hun taken terugvinden en gemakkelijk educatief materiaal (bv. van educatieve uitgeverijen) kunnen aanklikken. Dat materiaal, van website tot applicaties, kan de leerkracht dan weer per klas instellen. Hebben wij jouw nieuwsgierigheid getriggerd? Goed, we zetten de COOLe mogelijkheden op een rijtje.

COOL voor de leerling

Het COOL-platform werkt heel intuïtief op Chromebooks, zo getuigt Basisschool Spijker in bovenstaand filmpje. COOL kiepert de verzameling aan wachtwoorden waar leerlingen soms mee worstelen over boord. Via één wachtwoord, QR-code of zelfs met twee plaatjes kunnen leerlingen zich eenvoudig inloggen . Dit geeft zelfs aan de jongste gebruikers de kans om zich heel gemakkelijk aan te melden. juf Evie wint elke dag een zee van extra lestijd doordat dit inloggen zo vlot verloopt!  

Eens aangemeld dan krijgt de leerling de applicatiebibliotheek voor de neus. Deze toepassingen, websites, Google-apps,… zijn zorgvuldig door de leerkracht geselecteerd. De leerling hoeft enkel op het icoontje te klikken en de applicatie opent zich automatisch in een ander venster. 

Maar hoe weet de leerling wat de juf of meester verwacht? Op het prikbord vinden de leerlingen berichten, opdracht of andere tips terug van de leerkracht. Ook eventuele examenstof kan hier terug te vinden zijn. 

COOL draait niet enkel om educatieve apps. Het platform verzamelt eveneens verschillende communicatietoepassingen zoals Gmail, Drive, Classroom, Outlook, Teams en andere apps van Google of Microsoft. Via het icoontje rechtsboven kan de leerling die toepassingen bereiken. Al kunnen die ook in de applicatiebibliotheek worden geplaatst. 

COOL voor de leerkracht

Het platform ziet er voor leerkrachten net hetzelfde uit als voor de leerlingen. Met dat verschil dat de leerkracht meer met het systeem kan doen. Meester Cédric kan bijvoorbeeld via Classroom beheer klasgroepen opmaken. Voor de volledige klas of per leerling bepaalt de leerkracht welke toepassingen open staan. Net als juf Evie kan hij apps en websites blokkeren of verplicht open laten staan. Door de eenvoudige handelingen in het platform valt een pak werk van de schouders van de ICT-coördinator.

Wachtwoorden vormen wel vaker een probleem bij kinderen. Zoals aangegeven hoeft de leerling voor COOL slechts één wachtwoord of twee pictogrammen te onthouden. Toch kan ook dat nog verkeerd gaan. In plaats van naar de ICT’er te hollen, kan de leerkracht zelf het paswoord resetten en een tijdelijk wachtwoord aan de leerling toekennen. 

De applicatiebibliotheek is ook voor de leerkracht de centrale hub van het systeem. Via het pushsysteem kan de leerkracht bepaalde toepassingen in de account van één of meerdere leerlingen plaatsen. Tegelijk kan de leerkracht aan webfiltering doen door specifieke websites toe te staan, en alle anderen uit te sluiten. Wanneer een leerkracht de aandacht van de schermen wilt, kan hij alle apparaten – of bij enkele leerlingen specifiek – vergrendelen met 1 klik. Wanneer tijdens een examen de leerlingen enkel toegang mogen hebben tot pakweg Scoodle, Youtube en Wikipedia , dan bepaalt de leerkracht dat. De leerlingen kunnen geen andere toepassingen en websites openen. 

Controle houden over het systeem

De leerkracht houdt vanuit COOL altijd de controle over het systeem en de toepassingen die de leerling ziet en nodig heeft. Via het prikbord kan de leerkracht berichten versturen naar de leerlingen, andere collega’s, ouders of eender wie in de aangemaakte groepen zitten. De leerkracht kan via een simpele klik ervoor kiezen om geen reacties te krijgen op een bericht. 

Juf Evie hoeft niet fysiek aanwezig te zijn in het klaslokaal om overzicht te houden over wat de leerlingen doen. Via de handige meekijkfunctie kan de leerkracht op elk moment zien welke toepassingen de leerling gebruikt. Via dezelfde toepassing kan de leerkracht op elk moment ingrijpen door bepaalde apps te pushen, een time-out in te stellen of toepassingen te blokkeren. Een time-out kan handig zijn wanneer de leerlingen met een examen bezig zijn en dus geen externe bronnen mogen raadplegen.

Veilig en eenvoudig digitale examens afnemen 

Vanuit COOL Check kunnen leraren op een eenvoudige manier examens opmaken, verbeteren en feedback doorsturen naar de leerlingen en ouders. Per examen bepaalt de leerkracht welke bronnen door de leerlingen mogen worden geraadpleegd, hoeveel tijd ze krijgen, etc. Wanneer tijdens een examen de leerlingen enkel toegang mogen hebben tot pakweg Scoodle, Youtube en Wikipedia , dan bepaalt de leerkracht dat. De leerlingen kunnen geen andere toepassingen en websites openen. De leerkracht kan er bovendien voor opteren om pincodes toe te wijzen voor de start en het einde van de proef.

De COOL-ontwikkelaars hebben in de applicatiebibliotheek een hulptool voorzien. Ook wanneer de ICT verantwoordelijke niet beschikbaar is, kunnen de leerkrachten zelf aan de slag met een probleem via Cloudwiser. De tool voorziet handleidingen, tips en veelgestelde vragen over het gebruik van het platform, over Chromebooks of laptops en over alle Google & Microsoft toepassingen. 

lees ook

Basisschool Spijker schoolvoorbeeld van gebruik Chromebooks


Hebben we je aandacht met het lezen van dit artikel en wil je graag meer leren over Chromebooks en het COOL leerplatform van Cloudwise? Schrijf je dan in voor een boeiend webinar op 22 september 2022.

CTOUCH introduceert grootformaat touchscreen Neo

Het Nederlandse CTOUCH heeft Neo gelanceerd, een nieuw grootformaat touchscreen ontworpen voor het hoger onderwijs en kmo’s.

De innovatieve fabrikant CTOUCH omschrijft Neo als ‘het eenvoudigst te gebruiken touchscreen ooit’. Het grootformaat aanraakscherm is ontwikkeld voor het hoger onderwijs en in kmo’s, waar gebruiksgemak één van de belangrijkste eisen is. Het moet de traditionele whiteboards in vergaderzalen en leslokalen vervangen. Dat gemak komt bij de nieuwe Neo tot uiting in vier aspecten: whiteboarden, draadloos scherm delen, surfen en schakelen tussen bronnen. Dat kan allemaal met een eenvoudige touch.

Whiteboarding en draadloos delen

De CTOUCH Neo heeft een whiteboard-toepassing met zeven functies. Dat maakt het overzichtelijk en gemakkelijk in gebruik. Via de ingebouwde AirServer kan de gebruiker zijn scherm delen. Neo ondersteunt AirPlay, Google Cast en Miracast zonder dat de installatie van een aparte applicatie is vereist. De zero bonding-technologie registreert nauwkeurig de aanraking via vinger of passieve pen, ongeacht de schrijfsnelheid.

Het CTOUCHABLE ontwerp springt onmiddellijk in het oog. De rand van het toestel is verrijkt met geanodiseerd aluminium en dezelfde stof als bij JBL luidsprekers. Degelijkheid voorop, met andere woorden. Dat geldt ook voor de dienst na verkoop. Neo is onderdeel van het CTOUCH Heartbeat As A Service-programma. Na de installatie kan de gebruiker één of meerdere schermen vanop afstand beheren.

Veiligheid en duurzaamheid

Aangezien meerdere personen het aanraakscherm gebruiken, is veiligheid van groot belang. De instellingen van Neo zijn in handen van een beheerder en niet toegankelijk voor occasionele gebruikers zoals profs, lectoren of gastsprekers. Anderzijds moeten de gegevens van de gebruikers ook veilig worden opgeslagen zonder dat die zomaar voor het rapen liggen in een volgende sessie. Daarom wist het systeem automatisch alle gegevens na een sessie.

In lijn met de duurzaamheidsdoelstellingen van CTOUCH beschikt Neo over een ingebouwde human presence detector die het scherm inschakelt wanneer een persoon de ruimte binnen komt. Binnenkort krijgt Neo een duurzaamheidspaspoort waarin gegevens staan over het productieproces en de gebruikte materialen.

Accessoires maken het verschil

Het CTOUCH Neo pakket omvat enkele interessante accessoires om het geheel af te werken. Zo bundelt Stage XXL verschillende functies om videoconferencing te vergemakkelijken. Op de metalen standaard biedt ruimte voor camera’s, een kleine pc en powerbox. De Cable Lock zorgt er voor dat alle kabels op hun plaats blijven en beschermt tegelijk tegen diefstal.

CTOUCH werkt voor een betere geluidservaring samen met JBL. De luidsprekerfabrikant optimaliseerde de speakers van de Neo wat moet zorgen voor prima geluid tot diep in de ruimte. In combinatie met geïntegreerde microfoons is de CTOUCH Neo eveneens een krachtig hulpmiddel voor hybride vergaderingen en hybride lesomgevingen.

De CTOUCH Neo is verkrijgbaar in vier groottes: 55”, 65”, 75” en 86”. De 55” en 65” versies zijn beschikbaar vanaf begin 2023.