Chromebook opent twee vensters tegelijk op nieuwe manier

Google ontwikkelt momenteel nieuwe manier om twee vensters tegelijk op het scherm te plaatsen. Het aantal vensters dat een Chromebook-gebruiker tegelijk kan openen, lijkt wel beperkt te blijven tot twee.

Chromebook-gebruikers kunnen momenteel multitasken met een maximum van twee vensters. Beide vensters worden in dat geval gelijk verdeeld over het scherm en nemen dus 50 procent van het totale scherm in beslag.

In de nabije toekomst moet het mogelijk worden om één scherm twee derde van het scherm te laten innemen. Het tweede venster krijgt de overgebleven plaats.

Meer nood aan multitasken

Werken met meerdere vensters is enorm belangrijk geworden in de hybride wereld. Tijdens videovergaderingen is het bijvoorbeeld meer dan eens nodig om een Word-document of webpagina tegelijk te openen.

Andere computerbouwers zetten daarom ook volop in op multitasken. Apple onthulde onlangs bijvoorbeeld de functie Stage Manager, waarmee maximaal acht applicaties tegelijk overzichtelijk worden weergegeven.

Het zal nog even wachten zijn tot de functie uitrolt, al is het nog niet duidelijk hoe lang het wachten precies zal duren. De functie werd ontdekt in Chromium Gerrit, waar de ontwikkeling van een functie werd aangekondigd om het beeldscherm te splitsen.

Citymesh: ‘Denk aan wifi en connectiviteit, stop niet al je budget in laptops’

Elke leerling een laptop, de Digisprong is daarin duidelijk. Maar vergeten we de IT-infrastructuur binnen de scholen niet?

Om bovenstaande vraag te beantwoorden zitten we samen met Citymesh en Econocom die een samenwerking met elkaar startten. Econocom profileert zich als een steevaste educatiespeler binnen technologie en heeft sinds de overname van de B2B-tak van Switch heel wat expertise in huis.

In tandem met Citymesh willen ze naast toestellen de focus maximaal leggen op de IT-infrastructuur binnen scholen die dringend mee moet evolueren. De samenwerking is opvallend omdat Cegeka meerderheidsaandeelhouder is van Citymesh en als IT-provider tegelijk een concurrent vormt voor Econocom.

“Ik snap de verwarring maar ondanks dat Cegeka meerderheidsaandeelhouder is, blijft Citymesh onder eigen naam opereren en vaart het zijn eigen koers”, zegt Freek Pauwels, chief commercial officer bij Citymesh. Dankzij de overname van Smartschool door Cegeka heeft Citymesh wel bepaalde troeven die anderen niet hebben. Daar komen we later op terug.

IT-infrastructuur stiefmoederlijk behandeld

De IT-infrastructuur binnen scholen is er vaak erg aan toe en werd jarenlang stiefmoederlijk behandeld. Vooral binnen lagere scholen is er nood aan vernieuwing omdat de Digisprong tot daar reikt met één toestel voor iedere leerling vanaf het vijfde leerjaar.

“Scholen worstelden vroeger met de vraag of ze voor elke leerling een toestel moesten voorzien. Die beslissing is nu voor hen genomen met de Digisprong”, benadrukt Ciska Schrooten, verantwoordelijke educatie binnen Econocom. Dat zorgt daar voor paniekvoetbal want ineens is daar een zak geld waar je iets mee moet doen, maar waar er vaak weinig tot geen expertise is omdat de ICT-coördinator een verantwoordelijke leerkracht is die de extra rol op zich neemt. Omdat pas vanaf het vijfde leerjaar de Digisprong geldt, krijgen basisscholen minder middelen en moeten ze goed kijken waar ze hun budget spenderen.

Pas op, ook het secundair moeten naar hun IT-infrastructuur kijken en het budget goed verdelen.

Ciska Schrooten, verantwoordelijke educatie binnen Econocom

“Pas op, ook het secundair moeten naar hun IT-infrastructuur kijken en het budget goed verdelen. Er zijn vandaag scholen te vinden die op een juiste manier hebben geïnvesteerd, maar tegelijk zijn er ook die snel laptops hebben besteld en nu achter de feiten aanlopen omdat de rest van hun infrastructuur niet is gemoderniseerd”, zegt Schrooten.

Kijken naar glasvezel

Citymesh benadrukt in het interview dat de IT-infrastructuur belangrijk is om te evalueren, maar alles begint met de internetverbinding die binnen de school aanwezig is. “De traditionele Schoolnet-abonnementen dekken de lading niet meer voor secundair onderwijs. Kan je digitaal onderwijzen met maar 50 Mbps upload voor alle leerlingen?” Pauwels schudt van nee en oppert glasvezel als alternatief.

“We kunnen vandaag niet meer rond glasvezel. Elke school die er toegang tot heeft, moet de overstap maken om opnieuw ademruimte te krijgen. Vanaf daar start ook de rest van het puzzelstuk. Staat de server ergens achter een radiator met een aftandse ethernetverbinding of ligt er intern al glasvezel? Waar moeten de serverkasten en de access points voor wifi komen? Hoeveel switches zijn er nodig en welk type?”

Hiermee komen we tot de essentie van de boodschap van Econocom en Citymesh: IT-ondersteuning bieden aan ICT-coördinatoren en scholen om die stap voorwaarts te zetten.

Kijken of zelf controleren

Citymesh biedt binnen zijn netwerkoplossing twee duidelijke gebruikersrollen: Viewer en Admin. Viewer is bedoeld voor de lesgever die een beetje IT doet en wil dat alles werkt, maar ook graag wat inkijk heeft. Hij of zij kan kleine zaken aanpassen die het systeem niet stuk kunnen maken. “Van zodra er meer nodig is, geven ze ons een seintje en dan lossen we dat snel op. We noemen het graag wifi-as-a-service”, zegt Pauwels.

De Admin-optie richt zich op de voltijdse ICT-coördinator van grotere scholen. Die kan een opleiding volgen om daarna heel wat zaken zelf te beheren en aan te passen. Pas wanneer er grote veranderingen nodig zijn, kloppen ze aan bij Citymesh.

Wanneer een leerling niet meer is ingeschreven op de school en zijn account wordt ingetrokken, verdwijnt ook de toegang tot het wifi-netwerk.

Freek Pauwels, chief commercial officer bij Citymesh

Het handige is dat alle designs rond de IT-infrastructuur vooraf worden gemaakt, voor de installatie. “Zo kunnen we via SSO (Single Sign On) handig elke leerling met zijn of haar Smartschool-, Microsoft- of Google-account toegang geven tot het wifi-netwerk met dezelfde login”, wijst Pauwels naar het gebruiksgemak. “Wanneer een leerling niet meer is ingeschreven op de school en zijn account wordt ingetrokken, verdwijnt ook de toegang tot het wifi-netwerk.”

Wifi-as-a-service

Omdat Citymesh samen met Econocom met een totaaloplossing naar scholen trekt, zit daar ook standaard snelle ondersteuning in. Het biedt een silver SLA-pakket aan bronze prijzen. “We kunnen dat omdat scholen doorheen het jaar 3 tot 4 maanden gesloten zijn”, verduidelijkt Pauwels.

Concreet betekent dit ondersteuning van 9 uur tot 17 uur voor kleine problemen en 24/7 voor grote problemen. “Stel dat we op zondag via een automatische melding zien dat er een probleem is met de internetverbinding, proberen we dat op afstand op te lossen. Lukt dat niet, dan staan we eventueel al maandagochtend aan de schoolpoort om direct te helpen. We werken altijd pro-actief, je wil namelijk niet dat je pas maandagochtend als ICT-coördinator een probleem ontdekt en in paniek naar een oplossing moet zoeken.”

Binnen het ‘wifi-as-a-service’-aanbod zit ook standaard een up-to-date patchbeleid om apparaten veilig te houden. “In principe zou je ons nooit moeten horen en gebeurt alles automatisch achter de schermen”, lacht Pauwels.

Flexibel samenwerken met elke fabrikant

De kracht van de samenwerking tussen beide partijen is dat ze onafhankelijk opereren. Ze werken niet met één fabrikant samen, maar met allemaal. Dat moet ook omdat niet elke school met een propere lei kan starten. Stel dat je bijvoorbeeld al 20 wifipunten hebt van een bepaald merk, dan wil je die niet buiten gooien om opnieuw te starten. Bestel er extra bij van de nieuwste technologie, en vervang de huidige op termijn wanneer ze niet meer voldoende presteren. Die flexibiliteit willen Econocom en Citymesh geven aan scholen.

Binnen Econocom hebben we een ruime leasingpoot waar heel wat verschillende formules mogelijk zijn.

Ciska Schrooten, verantwoordelijke educatie binnen Econocom

Flexibiliteit komt ook terug in het aankoopproces. Scholen kunnen hardware kopen of leasen met heel wat flexibiliteit. “Met de Digisprong moeten we vaak heel creatief te werk gaan. Stel dat een school graag eerst een som wil betalen om het Digisprong-budget te spenderen, om daarna de rest via leasing af te betalen, dan kan dat”, zegt Schrooten. “Binnen Econocom hebben we een ruime leasingpoot waar heel wat verschillende formules mogelijk zijn.”

Unieke band met Smartschool

Door de band met Cegeka heeft Citymesh een extra troef voor scholen die Smartschool gebruiken vergeleken met andere IT-providers. Het kan namelijk een cross connect opstellen met Smartschool zodat zelfs wanneer het internet platligt op de school de dienst altijd beschikbaar is. “Bekijk het als een rechtstreekse tunnel naar ons datacenter”, zegt Pauwels. “Zo kunnen ze altijd aan hun data.”

Zo’n rechtstreekse lijn met Smartschool is altijd handig. Een leerling kan vandaag wanneer hij geen zin heeft om een examen af te leggen online een DDoS-aanval aankopen. De internetverbinding ligt als gevolg plat, waardoor het examen niet kan doorgaan. Met zo’n rechtstreekse lijn is er altijd een back-up die werkt.

Goed nadenken over Digisprong-budget

Tot slot wil Pauwels ook graag benadrukken dat scholen rekening moeten houden met een degelijk cybersecuritybeleid wanneer ze hun IT-infrastructuur analyseren. “Begin al eens met een deftige firewall. Vandaag zien we nog te vaak dat wanneer de schooldeur sluit de internettoegang gewoon blijft open staan. Zoiets mag niet gebeuren.”, merkt hij op.

Begin al eens met een deftige firewall.

Freek Pauwels, chief commercial officer bij Citymesh

Zowel Citymesh als Econocom hopen met het overzichtelijke aanbod in combinatie met de nodige flexibiliteit en expertise dat scholen nadenken over het Digisprong-budget en niet alles in één keer uitgeven.

Howest-studenten uit Kortrijk leren alles over 5G door samenwerking met Proximus

Op de Howest-campus in Kortrijk zal volgend academiejaar een 5G-lab van Proximus worden opgebouwd. Zo bouwt Proximus een plaats waar bedrijven samen met studenten de mogelijkheden van 5G ontdekken en ermee aan de slag gaan in de creatie van nieuwe toepassingen.

In het lab zullen geïnteresseerde bedrijven worden bijgestaan door Proximus-experten en Howest-studenten. Howest is een hogeschool in Kortrijk en de locatie waar het lab te vinden zal zijn.

Hierbij spreekt Proximus wel over toekomstplannen, aangezien de bouw van het lab vandaag nog niet gestart is. Het bedrijf tekende eerder vandaag wel een Memorandum of Understanding (MoU) voor de creatie van het lab. Door de ondertekening verbinden beide partijen zich tot de samenwerking.

Academische expertise

In het persbericht wordt benadrukt dat Howes academische expertise aan het lab kan toevoegen. De hogeschool wil graag zijn titel als kenniscentrum voor nieuwe technologieën blijven behouden. Studenten en docenten moeten daarom altijd op de hoogte zijn van nieuwe technologieën.

De richtingen Digital Arts & Entertainment, Multimedia & Creative Technology en Cyber Security Professional zullen regelmatig in het 5G-lab te vinden zijn na opening.

De hogeschool heeft overigens geen unicum voor zijn studenten. De KU Leuven-campus voor ingenieursstudenten heeft dankzij een samenwerking met Telenet al langer de mogelijkheid om de technologie te proberen.

Operationeel in academiejaar 2022-2023

Het 5G-lab moet openen in de loop van het academiejaar 2022-2023. De opbouw gaat daarmee van start na de verdeling van het 5G-spectrum in ons land. Het BIPT organiseert deze maand namelijk een veiling voor de toekenning van radiospectrum aan operatoren. 

De mogelijkheden van 5G zullen eerst via een mobile private network-oplossing uit te testen zijn. De technologie rolt daardoor slechts in een aantal ruimtes op de campus uit.

Flipped of traditioneel, welke hoorcolleges zijn het efficiëntste?

Heeft het zin om je vak integraal om te zetten naar een flipped versie? Nee, zo blijkt uit onderzoek. Een gerichte, gedeeltelijke flipped aanpak brengt je studenten meer bij dan in het wilde weg alles te flippen.

In een flipped class nemen studenten het online lesmateriaal thuis door om het vervolgens in de les toe te passen, er vragen over te stellen of feedback bij te krijgen van de docent.

Beste resultaat bij deels omgekeerd

Een Amerikaans onderzoek vergeleek flipped hoorcolleges uit het hoger onderwijs met hun traditionele tegenhangers. Beide types lessen werden gegeven door dezelfde docenten. Dit om te vermijden dat de stijl of ervaring van de docent de resultaten zou beïnvloeden. Wat bleek? Vooral de lessen die deels flipped waren, staken er bovenuit. Zulke lessen presteerden beter dan de traditionele lessen én beter dan de volledig flipped lessen. Bij een gedeeltelijke flipped class volgt niet alle lesmateriaal maar slechts een deel het omgekeerde recept.

Verschil per opleiding

Volgens de hoofdauteur van de studie, professor in de psychologie Carrie A. Bredow, zijn er twee verklaringen voor het succes van de gedeeltelijke flipped opleidingen. Enerzijds kunnen lesgevers precies die modules kiezen die zich het beste lenen voor een flipped aanpak. Anderzijds hoeven ze zich dan niet in bochten te wringen om alles tegelijkertijd te flippen. Dat komt de kwaliteit ten goede.

Het succes van flipped classes verschilt naargelang de opleiding. Taalopleidingen hebben er het meeste baat bij, gevolgd door technologie en gezondheidswetenschappen. Voor de onderzoekers was dat niet zo verrassend omdat flipped learning sterk focust op toegepaste vaardigheden en actief leren.

Bij de ingenieursopleidingen werd er amper verschil gemeten. Ligt het aan de inhoud van de studies of wordt er al heel toegepast lesgegeven? De reden is vooralsnog niet duidelijk.

Advies: gericht flippen

Een andere vaststelling: de resultaten verschilden per regio. Zo bleken de verschillen tussen flipped en traditioneel groter in het Midden-Oosten en Azië, dan in Noord-Amerika of Europa. Het waarom is niet helemaal duidelijk. Vermoedelijk gaat er in Europa in de live lessen al veel aandacht naar actief leren.

Flipped classes hebben in ieder geval veel potentieel maar een cursus gewoon integraal flippen is niet de manier, besluit Bredow. Beter is om er gericht de lessen uit te pikken die zich het meeste lenen voor zo’n aanpak.

Bron: Tech&Learning

Les krijgen ín de Metaverse

Met je leerlingen een uitstapje maken in een koraalrif? Daarop is het in ons land nog even wachten. In de Amerikaanse Stanford University kunnen deelnemers van de opleiding Virtual People het al wel. VR-headset op en go!

De opleiding Virtual People speelt zich maar liefst de helft van de tijd af in de Metaverse, een fictief virtueel universum in 3D. Vorig jaar tekenden 263 studenten in voor de opleiding van 20 weken. In die periode brachten ze samen zo’n 200.000 minuten door in de Metaverse.

Zelf werelden ontwerpen

Virtual People bestaat al sinds 2003 en was van bij het begin het paradepaardje van de campus. Vorig jaar was het de eerste keer dat de opleiding niet alleen óver maar vooral ín de virtuele werkelijkheid werd gegeven.

Met een Oculus Set2-headset op het hoofd maakten de studenten virtuele uitstapjes naar een koraalrif en een ruimtestation. Ze gingen virtueel met elkaar in gesprek en verkenden elkaars zelfontworpen virtuele werelden.  

“Verbluffend”

Professor Jeremy Bailenson geeft al twintig jaar les over VR. Na al die tijd kan hij de virtuele technieken eindelijk concreet gebruiken in de opleiding. “Verbluffend”, omschrijft hij het zelf in een filmpje.

GitHub breidt gratis leerkrachttoegang uit naar Codespaces

Leerkrachten die Global Campus vervoegen en GitHub Classroom gebruiken, krijgen voortaan gratis toegang tot Codespaces.

Met Codespaces krijgen IT-leerkrachten een Visual Studio Code-editor, terminal en debugger met GitHub-versiecontrole in een webbrowser of op een desktoptoestel. Hiermee kan je variaties wegnemen tussen toestellen van studenten, een belangrijk voordeel voor leerkrachten. Het cloudgebaseerde ontwikkelplatform standaardiseert de runtime-vereisten, hardware-specs en instellingen.

Codespaces wordt buiten de schoolmuren gefactureerd binnen een pay-as-you-go-model. Leerkrachten die echter gecertificeerd zijn binnen GitHub Global Campus krijgen 1.250 uur gratis. Dit volume is genoeg voor ongeveer 50 studenten die vijf maandelijkse taken op een 2-coremachine afwerken met één Codespace per student.

Binnen Global Campus kunnen leerkrachten ook andere zaken doen zoals:

  • Recente taken bekijken en de progressie per student
  • Afspreken met collega’s via GitHub Discussions
  • Toegang tot Campus TV-afleveringen
  • Deelnemen aan events zoals hackathons

Leerkrachten kunnen zich via deze inschrijving aanmelden binnen GitHub Global Campus. Volgens GitHub gebruiken 2 miljoen leerkrachten en leerlingen Global Campus wereldwijd.

Google Meet voegt software toe om jezelf ideaal te belichten

De nieuwste update van Google Meet helpt gebruikers met een oude webcam of slecht belichte locatie om toch optimaal in beeld te verschijnen.

Videobellen is zoveel fijner wanneer de tegenpartij duidelijk en helder in beeld is. Dat weet elk videobelplatform. Microsoft Teams en Zoom passen heel wat AI-snufjes automatisch toe om je optimaal in beeld te brengen. Google voegt daar nu een flinke schep bovenop door manuele controle toe te voegen aan de belichting in Google Meet.

In een nieuwe update die binnenkort wordt vrijgegeven, kan je als gebruiker de belichting bijsturen alsof je met een studiolicht werkt. Is je gezicht helder aan de éne kant door het zonlicht maar donker aan de andere kant? Met de softwarefunctie in Google Meet kan je nu dynamisch een extra lichtpunt toevoegen en controleren.

Naast de indrukwekkende lichtfunctie voert Google ook een andere belangrijke update door binnen Google Meet onder de noemer portrait mode. Hier wordt AI gebruikt om je videokwaliteit gevoelig te verhogen wanneer je een oude of weinig kwalitatieve webcam hebt of bij een slechte internetverbinding.

Tot slot krijgt Google Meet een betere filter die echo’s in ruimtes met harde oppervlakken compenseren.

Het is nog niet duidelijk wanneer alle updates worden uitgerold. Google spreekt niet over een specifieke tijdlijn, enkel dat je de nieuwe functies snel mag verwachten.

Microsoft, Apple en Google maken zich sterk voor een toekomst zonder wachtwoord

Inloggen zonder wachtwoord, dat willen techgiganten Google, Apple en Microsoft in de toekomst kunnen aanbieden. FIDO inlog-standaarden worden daartoe in de volgende drie jaar geïntegreerd op verschillende producten.

FIDO werkt door een legitimatiebewijs op het toestel dat wil inloggen te bewaren. Het toestel of een account ontgrendelt door dit versleutelde bewijs dat officieel een ‘passkey’ wordt genoemd.

Google, Apple en Microsoft beloven daar nu ondersteuning voor te zullen aanbieden. In de komende drie jaar kunnen we de inlogmethode verwachten op Android, Chrome, iOS, macOS, Safari, Windows en Edge. Iedere partij belooft de standaard dus te integreren op zijn besturingssysteem en webbrowser.

Veiligere optie

Achter de belofte schuilt een poging om de veiligheid van de betrokken producten en diensten te verhogen. Inloggen door middel van gebruikersnaam en wachtwoord heeft namelijk in het verleden maar al meermaals bewezen niet bestand te zijn tegen hackers.

Microsoft trekt al langer de kar van het afschaffen van het wachtwoord, maar een complete wachtwoordloze wereld is er nog niet van gekomen. De nieuwe beloftes moeten deze toekomst verder garanderen. Bovendien worden nu meerdere partijen betrokken bij deze missie, wat de kans op succes zou kunnen verhogen.

Zoom kort de duur van gratis videovergaderingen in  

Gratis videovergaderingen bij Zoom zijn vanaf 2 mei van kortere duur. Afhankelijk van het aantal participanten aan de vergadering kan een gratis account nog meetings inplannen van 40 minuten.

De omzetcijfers van Zoom vlogen de hoogte in tijdens de coronacrisis. De kaap van 1 miljard dollar werd bereikt door het gebruikersaantal dat enorm toenam. De eenvoud waarmee een meeting werd opgezet en de mogelijkheid om zonder registratie of installatie van een app deel te nemen aan een vergadering zullen bij velen geprezen zijn. Net als het gegeven dat binnen de gratis versie al veel mogelijk is.

De mogelijkheden van het gratis abonnement snoeit Zoom vanaf 2 mei flink bij. Meetings met drie of meer participanten kunnen nog maar maximaal 40 minuten bedragen. Eén-op-één sessies worden eveneens ingekort tot 40 minuten. Heb je langer nodig, dan zal je een betalend abonnement moeten nemen.

Beperkte communicatie

Zoom kondigt de wijzigingen zelf niet groots aan. Het bedrijf koos ervoor zijn gebruikers op de hoogte te stellen via een e-mail, zonder een blog te publiceren of een aankondiging elders te maken.

Veel gebruikers twijfelden dan ook aan de echtheid van de mail en contacteerde de Twitter-pagina van het bedrijf om de geplande wijziging af te toetsen. Zoom reageerde daar wel op gebruikers.

Onbekende reden

Eerder probeerde Zoom al met advertenties munt te slaan uit gratis gebruikers. Het platform gaf toen te kennen dat voornamelijk de talrijke private gebruikers die sinds de pandemie op het platform verschenen het gratis abonnement gebruikten. Het grootste deel van de zakelijke gebruikers tekende volgens het bedrijf al in op een betalende versie.

De stap had mogelijks niet het gewenste resultaat op de omzetcijfers, wat zou verklaren waarom het gratis abonnement flink wordt beperkt. Al is het ook mogelijk dat Zoom graag wil inzetten op de zakelijke markt. Gezien de eerdere bewering van Zoom over de populariteit van betalende abonnementen bij zakelijke gebruikers, zullen voornamelijk private gebruikers afhaken van het platform. Alles blijft wel speculatie aangezien Zoom zelf geen reden geeft voor de plotse verandering.

Abonnementen

Voor bedrijven die nog geen betalend abonnement van Zoom aanschaften, zetten we de prijzen op een rij. De eerste betalende bundel kost maandelijks 13,99 euro en laat 100 deelnemers toe. Voor kleine bedrijven heeft het platform een bundel van 18,99 euro per maand, waarbij 300 deelnemers zijn toegelaten. Grote bedrijven die meer dan 99 gebruikslicenties nodig hebben, moeten contact opnemen met het verkoopteam van Zoom.

Ter vergelijking geven we ook de prijzen van Webex mee. Dat platform geeft gratis gebruikers meetings van 50 minuten. Voor 14,25 per maand kunnen meetings 150 participanten toelaten. Tot 200 participanten zijn mogelijk in een abonnement van 28,50 per maand. Opnieuw moeten grotere bedrijven contact opnemen op meer dan 100 licenties te kunnen aankopen.   

Update: Zoom laat weten dat één-op-één meetings dezelfde maximale lengte krijgen als gratis groepssessies. “We zijn er trots op een service te bieden die wereldwijd zoveel mensen helpt om in contact te blijven met vrienden, familie en collega’s, en het blijven ondersteunen van wijdverbreide toegang tot ons platform is een belangrijk onderdeel van onze bedrijfsmissie”, klinkt het in de bedrijfsverklaring.

Google Docs maakt opvolging van projecten eenvoudiger

Google Docs introduceert twee nieuwe functies om samenwerkingsprojecten eenvoudiger op te volgen. Eerst is er een nieuw menu om de status van een project duidelijker weer te geven en als dat niet genoeg informatie geeft, heeft Docs een tabelsjabloon klaar om alle beschikbare informatie in te plaatsen.  

Google maakt geeft zijn slimme canvas nieuwe mogelijkheden. Het bedrijf maakt bekend dat de nieuwigheden deze keer voor Google Docs zijn.

Projectstatus

Met een nieuw menu wordt het eenvoudig om per project aan te geven wat de status is. Dat kan variëren van ‘nog niet begonnen’ tot ‘afgerond’. Het projectstatus-menu zal als één van de twee standaardopties in Google Docs te vinden zijn. Met het andere standaardmenu kan de reviewstatus worden opgevolgd.

Beide menu’s zijn te vinden door ‘@dropdown’ in te geven in een Google Docs. Het menu is met kleuren aan te passen naar eigen wens. Buiten de standaardmenu’s kan je zelf onderdelen instellen om een project op te volgen.

Tabelsjablonen

Als de projectstatus niet overzichtelijk is of je graag een overzicht hebt van alle lopende projecten binnen je organisatie, dan heeft Google Docs een tabel voor je klaar. De tabel stelt een bepaalde indeling voor die richting geeft aan de projectonderdelen waar je van op de hoogte wil zijn. Al blijft alles aan te passen naar eigen wens.  

De functies zouden in de komende weken beschikbaar moeten worden voor alle Workspace-gebruikers, G Suite-gebruikers en beheerders van een eigen Google-account.

LinkedIn veruit het populairste merk in phishing-mails

LinkedIn is met voorsprong de meest populaire naam die hackers misbruiken om phishing-aanvallen te lanceren. 52 procent van alle berichten linkt naar het professionele sociale netwerk.

In een onderzoek van Check Point publiceert de securityprovider een top 10-lijst van meest populaire merken die worden misbruikt in phishing-aanvallen. LinkedIn staat hier met stip op één met meer dan de helft van alle malafide e-mailberichten die merken misbruiken. Dit is de volledige lijst:

  • LinkedIn (52 procent)
  • DHL (14 procent)
  • Google (7 procent)
  • Microsoft (6 procent)
  • FedEx (6 procent)
  • WhatsApp (4 procent)
  • Amazon (2 procent)
  • Maersk (1 procent)
  • AliExpress (0,8 procent)
  • Apple (0,8 procent)

De populariteit van LinkedIn is opvallend. Vorig kwartaal noteerde Check Point bij LinkedIn 8 procent. Dit kwartaal is het professionele sociale netwerk meer dan zes keer populairder geworden bij hackers. Het stoot DHL van de troon dat tot vorig kwartaal de ranglijst aanvoerde.

Phishing-pogingen op grote schaal

“Deze phishing-pogingen zijn gelegenheidsaanvallen. Criminele groepen zetten deze phishing-pogingen op grote schaal op en voeren ze uit met als doel zoveel mogelijk mensen zover te krijgen dat ze hun persoonlijke gegevens prijsgeven”, zegt Zahier Madhar, Security Engineer Expert bij Check Point Software in België.

“Sommige aanvallen zijn gericht op het verkrijgen van macht over individuen of het stelen van hun informatie, zoals we nu zien bij LinkedIn. Andere zijn pogingen om malware op bedrijfsnetwerken in te zetten, zoals de nep-e-mails met vervalste vervoersdocumenten die we bijvoorbeeld veel in de scheepvaartsector zien.”

Vlaamse overheid maakt 20 miljoen euro vrij voor ICT-bijscholing

Het onderwijs maakt momenteel immers een grote Digisprong voorwaarts. Zo krijgt elke leerling vanaf het 5de leerjaar een eigen ICT-toestel en werd er € 85 miljoen vrijgemaakt voor de digitale uitrusting van leerkrachten. Nu krijgen leerkrachten ook extra ondersteuning zodat ze alle digitale mogelijkheden leren kennen en leren benutten.

Vlaams minister van Onderwijs Ben Weyts voorziet voor elke leerkracht extra bijscholingsbudget, dat ongeveer dubbel zo hoog is als wat normaal per jaar voorzien wordt. Daarnaast krijgen de Centra voor Volwassenenonderwijs (CVO’s) extra middelen om voldoende kwalitatieve ICT-opleidingen voor leerkrachten te voorzien. “De Digisprong is een ongeziene transformatie, die kan zorgen voor nog meer onderwijskwaliteit”, zegt Weyts. “Maar het gaat alleen lukken als we de leerkrachten ook goed ondersteunen.”

De Vlaamse overheid maakt nu zo’n 20 miljoen euro vrij zodat elke leerkracht zich de komende jaren kan bijscholen op het gebied van ICT. Er gaat meer dan 15 miljoen euro naar extra bijscholingsbudget voor de scholen. Concreet krijgt elke school eind augustus beschikking over een extra bijscholingsbudget van 120 euro per personeelslid. Dat is ongeveer dubbel zoveel als wat een school normaal per schooljaar krijgt voor bijscholing (64 euro per personeelslid).

Tot en met 2026

Scholen mogen het geld alleen benutten voor ICT-bijscholingen, maar ze krijgen daarvoor wel de tijd tot en met 2026. Daarnaast gaat er 4,6 miljoen euro naar de Centra voor Volwassenenonderwijs (CVO’s), zodat ze voldoende kwalitatieve ICT-opleidingen specifiek voor leerkrachten kunnen voorzien. Zo zal elk CVO extra personeel kunnen aannemen om het aanbod uit te breiden en tot bij de scholen te brengen.

“De Digisprong is veel meer dan alleen een vloedgolf van laptops: het is een totaalplan dat ook oog heeft voor bijvoorbeeld goede omkadering, digitale leermiddelen én goede ICT-opleidingen voor leerkrachten”, zegt Weyts. “In de lerarenopleidingen komt er meer aandacht voor ICT en voor de huidige leerkrachten voorzien we nu dus een groot bijscholingsoffensief.”