Software zelf bouwen, kopen of toch maar SaaS: wat is het voordeligst?
Software kan je zelf bouwen, kopen of huren. SaaS-abonnementen winnen steeds meer aan populariteit, maar is het ook de meest voordelige keuze?
Dit artikel maakt deel uit van een artikelreeks over kostenefficiënt investeren in IT. Elke week tot eind oktober 2025 voegen we wekelijks een nieuw artikel toe. Je kan het huidige overzicht hier terugvinden.
Het SaaS-model (Software as a Service) is vandaag alomtegenwoordig in de IT-sector. Zowel gebruikers als leveranciers zien het als een interessante optie voor het aankopen of verkopen van nieuwe software. De webversies van Google- en Microsoft-applicaties zijn maar enkele bekende voorbeelden die het personeel en/of de leerlingen vandaag misschien al gebruiken.
SaaS heeft de reputatie voordeliger en gebruiksvriendelijker te zijn dan traditionele softwarelicenties, al zijn die laatste ook zeker nog niet verdwenen. Ook zijn er nog steeds moedige IT-teams die hun software zelf bouwen. Is SaaS wel zo voordelig als beweerd wordt? We wegen de voordelen van SaaS af tegenover software zelf bouwen of kopen.
Kunnen wij het maken?
Het stereotiep zegt dat de Belg een baksteen in de maag heeft, dus ook in IT zullen er altijd mensen met bouwkoorts zijn. Software is vaak een buy or build-beslissing: zelf bouwen of iets kant-en-klaar kopen. Wie de kennis én tijd heeft, kan een doe-het-zelf-project overwegen.
Eén foute regel en je kan weer helemaal van nul beginnen en het werk begint pas eens de leerlingen ermee aan de slag gaan.
Het voordeel is dat je een oplossing kan bouwen op maat van je specifieke noden. Een bekwame IT’er zal zich hier zeker mee kunnen uitleven, maar dit kost tijd en middelen. Eén foute regel en je kan weer helemaal van nul beginnen en het werk begint pas eens de leerlingen ermee aan de slag gaan. Dan komen schoonheidsfoutjes snel naar boven.
Voor scholen met een klein intern IT-team is zelf beginnen te bouwen sterk af te raden. Je moet ook niet aan een renovatieproject beginnen als je twee linkerhanden hebt of snel wilt verhuizen. Het zal je simpelweg te veel tijd, geld en overwerkt IT-personeel kosten.

Licentie: wat je koopt, is van jou
Licenties zijn nog steeds een gangbare praktijk in de IT-wereld. De tijd dat je een cd-rom gaat halen in de pc-winkel om de hoek om de nieuwste Microsoft Office-versie te installeren, mag dan al een tijdje voorbij zijn, maar het principe is niet veranderd. Je betaalt één keer voor een softwareproduct en dan installeer je het op eigen hardware.
Dat is dan ook het grootste voordeel van een licentie: wat je koopt, is van jou. Licenties kunnen per individuele gebruiker of voor de volledige school in één keer aangekocht worden, met optioneel onderscheid tussen beheerders en gebruikers. Er gelden natuurlijk altijd wel enkele voorwaarden (heb je de terms & conditions gelezen?). Het intellectuele eigendom blijft bij de vendor en je mag je licentie niet zomaar doorverkopen.
Wat je koopt, is van jou. Dat is het grootste voordeel van een licentie
Bij licenties horen ook enkele verantwoordelijkheden. Zodra je de licentie gekocht hebt, neemt de verkoper zijn handen af. Het installeren van updates is dus jouw verantwoordelijkheid en in de praktijk loopt dit vaak mis. Ook is de instapkost hoger omdat je meteen voor het volledige pakket moet betalen.
Het licentiemodel staat stilaan onder druk in de IT-sector. Vendoren zijn er niet meer zo happig om ‘eeuwige’ licenties uit te delen en duwen klanten liever richting abonnementsformules.

SaaS: software leasen
Dat brengt ons tot bij de derde optie: SaaS. SaaS-software wordt verkocht via abonnementsformules en is via het internet beschikbaar. Je kan SaaS vergelijken met het leasen van een wagen. Je hoeft de wagen niet zelf te kopen en onderhoud zit inbegrepen in het contract, maar na afloop word je wel verwacht de wagen terug te brengen.
Het SaaS-model maakt op deze manier de aankoop van software laagdrempelig. Partijen zoals Microsoft en Google bieden toegewijde formules voor scholen aan. Verder hoef je je over weinig zorgen te maken: de leverancier neemt de verantwoordelijkheid op zich dat de software werkt. Omdat de software via het internet beschikbaar is, kunnen leerlingen thuis eenvoudig verder werken na de schooluren.
Toch zijn er ook bij SaaS enkele valkuilen. De instapprijs mag dan lager liggen, maar op termijn kan de maandelijkse abonnementskost hoger oplopen dan de kost van een eenmalige licentie. Ook bestaan er terechte zorgen over privacy en beveiliging.
Bij SaaS kan de instapprijs lager liggen, maar op termijn kan de maandelijkse abonnementskost hoger oplopen dan de kost van een eenmalige licentie.
Om SaaS-diensten te kunnen gebruiken, dien je data te delen met de provider. Die staat deels in voor beveiliging, maar als gebruiker draag je gedeelde verantwoordelijkheid. Bovendien durven providers je de overstap naar een concurrerende dienst wel eens te belemmeren.
Wat met opensource?
Ben je liever niet afhankelijk van een vendor, dan is opensource software nog een vierde alternatief. Opensource verschilt van software- en SaaS-licenties omdat de licentiehouder de code vrij ter beschikking stelt. Iedereen die wil, kan de code inkijken en er zelfs actief aan bijdragen. Linux is bijvoorbeeld het opensource alternatief voor Windows.
Wederom zijn er argumenten voor en tegen. De instapkosten van opensource zijn over het algemeen laag omdat de code vrij ter beschikking is, al klopt het ook niet dat opensource per definitie gratis is. Opensource software biedt meer vrijheid om een software naar je hand te zetten. Je kan zelf sleutelen, zonder vanaf een lege codeerterminal te moeten starten.

Dat is evengoed ook een nadeel van opensource. Er is geen roadmap uitgetekend die je vertelt welke functies wanneer zullen worden toegevoegd. Het gebeurt regelmatig dat software start in opensource, maar achter een licentie of SaaS-abonnement verdwijnt eens het gebruik toeneemt. Opensource is over het algemeen ook net iets complexer om mee aan de slag te gaan dan kant-en-klare software. De punten voor informatica zullen een stuk lager liggen als je leerlingen met Linux laat werken.
Over de veiligheid van opensource bestaan tegenstrijdige meningen. De ene vindt het net veiliger omdat ‘veel ogen’ naar de code kijken, de andere zegt dat het net moeilijker om de kwaliteit te beoordelen.
Over de veiligheid van opensource bestaan tegenstrijdige meningen.
Er is geen ‘perfecte’ oplossing voor software. De instapdrempel ligt het laagst bij SaaS, maar het gevaar is dat je vast komt te zitten in het ecosysteem van de leverancier. Zelf bouwen kan je dan weer veel tijd en stress kosten. Software kopen lijkt de gulden middenweg, maar denk goed na over wat je koopt. Wat voor je school het meest voordelig is, hangt af van hoeveel tijd en middelen je hebt, en je bereidheid om de controle uit handen te geven.
Dit is een redactionele bijdrage geschreven in samenwerking met Telenet. Voor meer informatie kan je hier terecht. Dit artikel is onderdeel van een artikelreeks rond kostenefficiënt investeren in IT op school. Je vindt eerder verschenen artikelen hier.
ChatGPT-gebruik in kaart gebracht: schrijven, zoeken of meedenken?
In amper drie jaar tijd is ChatGPT uitgegroeid tot een wereldwijd fenomeen. Maar waar gebruiken mensen het eigenlijk voor?
Sinds de lancering van OpenAI’s ChatGPT groeit de AI-tool razendsnel. In juni bereikte het de kaap van 700 miljoen wekelijks actieve gebruikers. Het Amerikaanse National Bureau of Economic Research (NBER) publiceerde een rapport over het gebruik van ChatGPT. Daaruit blijkt dat ChatGPT zich steeds meer positioneert als een digitale assistent, en dat niet-werkgerelateerde toepassingen de bovenhand nemen. De paper baseert zich op 1,1 miljoen unieke gesprekken van 15 mei 2024 tot 26 juni 2025.

Privégebruik groeit, werkgebruik daalt
Uit het rapport blijkt dat in juni 2024 ongeveer 47 procent van alle berichten werkgerelateerd was. Een jaar later is dat gedaald naar slechts 27 procent. In die periode groeide het privégebruik van 53 procent naar 73 procent van alle berichten. De onderzoekers benadrukken dat die stijging niet komt door nieuwe recreationele gebruikers, maar vooral door de gedragsverandering van bestaande gebruikers.
De populairste onderwerpen zijn:
- Praktisch advies (zoals over gezondheid, leren of creativiteit)
- Informatie opzoeken (zoals een zoekmachine)
- Schrijven (zoals hulp bij e-mails, vertalingen of samenvattingen)
Samen zijn deze drie categorieën goed voor bijna 80 procent van alle ChatGPT-gesprekken.

Ondanks de reputatie van AI-tools als codeerassistenten blijkt dat amper 4,2 procent van ChatGPT-berichten te maken heeft met programmeren. Schrijven is wel bijzonder populair, en dan vooral in een werkcontext. In juni 2025 ging 40 procent van alle werk gerelateerde berichten over schrijfopdrachten. Het ging dan meer over het herschrijven of redigeren van bestaande teksten, en minder over volledig nieuw werk.
lees ook
Wie gebruikt ChatGPT?
De gebruikersgroep is de afgelopen jaren sterk veranderd. In het begin waren vooral mannen de grootste gebruikersgroep (80%), maar ondertussen stijgt ook het vrouwelijk aandeel. Ook blijkt dat bijna de helft van alle berichten afkomstig is van gebruikers onder de 26 jaar. Daarnaast is er een sterke groei in lageloonlanden vergeleken met rijkere landen. Dat betekent dat het AI-model ook buiten het Westen gebruikt en omarmd wordt.
De onderzoekers delen het soort gebruik op in drie hoofdcategorieën van alle berichte nop basis van de output die gebruikers verwachten:
- ‘Asking’: vragen stellen of informatie zoeken (49%)
- ‘Doing’: opdrachten geven, zoals iets schrijven of maken (40%)
- ‘Expressing’: meningen geven (11%)
In de werkcontext ligt de nadruk op ‘Doing’ (56 %), en dan voornamelijk op schrijven. ‘Asking’ en ‘Doing’ zijn in werkcontext goed voor respectievelijk 35 procent en negen procent. In privécontext is ‘Asking’ het populairst, wat aantoont dat mensen ChatGPT het meetst gebruiken voor informatie, advies en hulp bij beslissingen.
Conclusie
De studie toont aan dat ChatGPT vooral gebruikt wordt voor persoonlijke ondersteuning en praktische begeleiding, eerder dan voor traditionele werkproductiviteit. Waar zoekmachines vooral feitelijke informatie toonden, blinkt ChatGPT uit in het leveren van persoonlijke antwoorden en teksten met context.
Vooral bij kenniswerkers (zoals management, wetenschap en onderwijs) speelt de chatbot een waardevolle rol als digitale assistent. Het is niet zo dat AI werk daar volledig vervangt, maar het ondersteunt bepaalde denkprocessen en beslissingen die waarde kunnen toevoegen.
SURF waarschuwt onderwijsinstellingen voor privacyrisico’s Microsoft 365 Copilot
Onderwijs- en onderzoeksinstellingen moeten voorzichtig omgaan met het gebruik van Microsofts AI-assistent Copilot in Microsoft 365. Dat adviseert ict-coöperatie SURF, die de privacyrisico’s recent opnieuw beoordeelde.
Van rood naar oranje
Eind vorig jaar raadde SURF het gebruik van Microsoft 365 Copilot nog volledig af na een DPIA (data protection impact assessment). Toen kwamen er vier hoge privacyrisico’s aan het licht.
Na gesprekken met Microsoft en de Rijksoverheid zijn inmiddels verbeteringen doorgevoerd. Daardoor verlaagt SURF de status van Copilot van rood naar oranje. Het gebruik wordt dus niet meer volledig afgeraden, maar voorzichtigheid blijft geboden.
Advies: duidelijke afspraken over AI-gebruik
Volgens SURF zijn niet alle risico’s overtuigend weggenomen. Instellingen krijgen daarom het advies om:
- duidelijke afspraken te maken over het gebruik van AI-tools,
- een helder AI-gebruiksbeleid op te stellen,
- en goed te monitoren hoe Copilot in de praktijk wordt ingezet.
Zo kunnen onderwijs- en onderzoeksinstellingen beter waarborgen dat gegevensbescherming en privacy niet in het gedrang komen.
lees ook
Microsoft 365 Copilot helpt onderwijspersoneel administratieve taken te vereenvoudigen
Laptop voor op de schoolbanken: waar moet je op letten?
Hoe kies je een laptop voor op de schoolbanken? Welke opties zijn er? En hoef je zelfs voor Windows te gaan?
Dit artikel maakt deel uit van een artikelreeks over kostenefficiënt investeren in IT. Elke week tot eind oktober 2025 voegen we wekelijks een nieuw artikel toe. Je kan het huidige overzicht hier terugvinden.
Laptops in het klaslokaal moeten aan heel wat vereisten voldoen die specifiek zijn voor de schoolomgeving. Zo is robuustheid en betaalbaarheid prioritair en pure rekenkracht misschien wat minder. Niet iedere lessenaar heeft een stopcontact, dus ook voor de batterij zijn er specifieke vereisten. We onderzoeken de belangrijkste specificaties.
Windows of ChromeOS
In de meeste bedrijven kan je met een Chromebook niet zoveel komen doen, maar in het klaslokaal komen de computers voorzien van het besturingssysteem van Google om verschillende redenen wel tot hun recht. Natuurlijk heeft ook Windows zijn troeven.
ChromeOS
Heel wat fabrikanten maken Chromebook specifiek gericht op de educatiemarkt. De toestellen zijn robuust, gaan lang mee op één batterijlading en kosten doorgaans een stuk minder dan equivalente Windows-computers.

Dat komt onder andere omdat ChromeOS een licht besturingssysteem is, dat voor veel toepassingen op de cloud vertrouwt. Dat maakt het mogelijk om performante laptops te leveren zonder al te straffe hardware.
Bijkomend is het beheer van Chromebooks eenvoudig via de cloud-console die Google levert. Beleid kan per toestel of leerling worden uitgerold. Wanneer de school laptops zelf moet beheren, kan die eenvoud doorwegen.
ChromeOS is een licht besturingssysteem dat voor veel toepassingen op de cloud vertrouwt.
Het is niet allemaal rozengeur en maneschijn. ChromeOS heeft serieuze beperkingen wat compatibiliteit betreft. De laptops zijn ideaal voor applicaties die in de browser draaien. Denk aan de apps van Google Workspace of Microsoft 365 Web. Richtingen met een sterke STEM-component vereisen in de hogere graad soms specifieke software die niet op ChromeOS werkt.
Ook wat randapparatuur betreft, zijn de toestellen minder flexibel. Eén extern scherm aansluiten is doorgaans geen probleem, maar met meerdere monitors steken uitdagingen de kop op. Die compatibiliteitsbeperkingen nopen verschillende scholengroepen om Chromebooks af te raden.
Windows 11
Windows 11 is een zwaarder besturingssysteem dat meer van de hardware vergt, dus Windows-laptops zijn iets duurder. Voor de meerprijs krijg je wel veel in de plaats. Windows is de norm wat compatibiliteit betreft. Zelfs in de tweede of derde graad zullen leerlingen niet tegen de beperkingen aanlopen wanneer ze specifieke software nodig hebben.

Microsoft heeft met Intune (voor educatie) ook een beheeroplossing die zeker even krachtig is als het alternatief voor ChromeOS, dus beheer hoeft geen beperking te zijn. Windows correct up-to-date houden vereist wel wat extra aandacht.
Windows 11 is een zwaarder besturingssysteem dat laptops duurder maakt, maar je krijgt wel veel in de plaats.
De stevigere hardware van de Windows-laptop en de brede compatibiliteit hebben een nadeel: de toestellen zijn minder zuinig en vergen meer van hun batterij. Het is uitdagender om een Windows-laptop aan een scherp prijskaartje te vinden die een hele dag op één lading meekan.
De juiste keuze
In de praktijk is de Chromebook populair bij de digitalisering van het basisonderwijs, merkt het Rekenhof op. In de hogere jaren wegen de beperkingen steviger door, waardoor menig scholengroep specifiek Windows-toestellen vereist in het middelbaar, en al zeker de tweede en de derde graad.
MacOS is niet echt aan de orde. MacBooks zijn duurder en lopen tegen compatibiliteitsverschillen aan met Windows, wat ze minder geschikt maakt om op grote schaal aan leerlingen toe te wijzen.
Bouwkwaliteit
Laptops voor scholen maken wel wat mee. Zeker in het basisonderwijs zijn de gebruikers niet altijd even secuur. Een val van een lessenaar of een onbedoelde doop met een beker fruitsap zijn snel gebeurd.

Wat valbestendigheid betreft, voldoen laptops voor de educatieve markt aan gelijkaardige eisen als zakelijke toestellen. Ze moeten tegen een stootje kunnen en voldoen doorgaans aan MIL-STD-810H-tests. Gespecialiseerde fabrikanten kennen intussen de pijnpunten van gebruik door kinderen, en voorzien aanpassingen zoals extra stevige poorten en scharnieren.
Specifiek voor het gevaar van fruitsap heeft een goede schoollaptop een toetsenbord dat resistent is tegen morsen. De toetsen zelf zijn idealiter ook extra stevig bevestigd, zodat de knoppen er niet worden afgehaald.
Gespecialiseerde fabrikanten kennen intussen de pijnpunten van gebruik door kinderen, en voorzien aanpassingen zoals extra stevige poorten en scharnieren.
Binnen raamcontracten wordt rekening gehouden met defecten. Drie jaar service op locatie met een verzekering tegen zelf veroorzaakte schade zijn geen uitzondering.
Schermkwaliteit
In het secundair onderwijs vragen veel scholen minstens Full HD (1.920 x 1.080 pixels), vaak op 14-inch. 1.366 x 768 pixels was lang courant en is goedkoper. Om te multitasken is zo’n bescheiden hoeveelheid pixels echter krap.
Het schermpaneel moet voldoende goed zijn om de leerlingen en hun ogen te sparen, maar een fortuin uitgeven hoeft niet. Mik op een degelijk IPS-paneel en laat dure oled-technologie links liggen. Denk ook aan de schermhelderheid. Lichte en zonovergoten klaslokalen zijn een uitdagende omgeving voor te donkere displays.

Ook een aanraakscherm is overbodig, tenzij er een heel duidelijke didactische reden is om toch voor touch te kiezen. Een aanraakscherm jaagt de prijs de hoogte in, dus denk goed na alvorens deze vereiste in te bouwen. In veel gevallen raden scholen aanraakschermen specifiek af.
Batterij
Niet iedere lessenaar heeft een stopcontact. Hoe lang de batterij van een laptop moet meegaan, hangt af van het belang van de laptop in het onderwijsproject. Verschillende scholen verwachten dat een toestel toch de hele lesdag meegaat en eisen dus een autonomie van acht uur of meer.
Niet iedere lessenaar heeft een stopcontact.
De verantwoordelijkheid voor de autonomie ligt ook voor een stuk bij de leerling. Het is niet ongehoord om het schoolreglement in te zetten. Den Edugo-scholengroep eist bijvoorbeeld expliciet dat leerlingen met een volgeladen laptop naar school komen.
Levensduur
Een laptop in een educatieve context moet doorgaans zeker vier jaar meegaan. Het secundair onderwijs mikt op één toestel voor de tweede en de derde graad en ook raamcontracten hanteren die vierjarige cyclus.

In principe is dat geen probleem. Zowel ChromeOS als Windows blijven voldoende lang van ondersteuning genieten, al zal een tussentijdse upgrade naar een nieuwe versie van het besturingssysteem wel aan de orde zijn.
Belangrijker is de robuustheid van de hardware. Worden de laptops door de school zelf voorzien, dan is een contract met ondersteuning op locatie, voor zeker drie jaar en liefst vier, een goed idee. Zo wordt de uitval beperkt.
Keuzegids
Welke laptop het meest geschikt is, hangt af van het educatieve project van de school, de graad van de leerling en de gekozen richting. In alle gevallen is adequate connectiviteit belangrijk. In principe zit goede wifi-ondersteuning langs de kant van de laptop wel correct ingebakken.
Werk minimumspecificaties uit en benut raamcontracten.
Een school kan leerlingen niet zomaar opleggen een toestel van één fabrikant te open. Ze kan wel minimumspecificaties uitwerken of raamcontracten benutten. Volgende specificaties geven een idee van welke richtlijnen mogelijk zijn
- Basisonderwijs, 1ste graad (basisgebruik): ChromeOS of Windows kan; ChromeOS scoort op vlak van beheer, snelheid, autonomie en prijs, maar heeft compatibiliteitsbeperkingen.
- 2de/3de graad (richtingsgebonden): Windows is doorgaans de norm omwille van specifieke softwarevereisten.
- Minimumhardware: 14″ FHD non-touch, 8 GB RAM (soms 16 GB wenselijk in 4-jaars cyclus), 256 GB SSD, degelijk chassis (MIL-STD), 8 tot 10 uur batterij.
Gewapend met bovenstaande informatie is het mogelijk om geïnformeerd te beslissen welke laptops geschikt zijn voor welke leerlingen. De schoolomgeving heeft specifieke vereisten, maar dat weten fabrikanten. Het aanbod aan geschikte toestellen is dan ook ruim.
Dit is een redactionele bijdrage geschreven in samenwerking met Telenet. Voor meer informatie kan je hier terecht. Dit artikel is onderdeel van een artikelreeks rond kostenefficiënt investeren in IT op school. Je vindt eerder verschenen artikelen hier.
EDUbox Online pesten: handleiding voor leerkrachten
De EDUbox Online pesten: van omstaander tot sleutelfiguur helpt leerkrachten om het thema online pesten bespreekbaar te maken in de klas. Het lesmateriaal is ontwikkeld door VRT in samenwerking met onder meer de Vlaamse Overheid, Kies Kleur tegen Pesten, Mediawijs en Pimento.
Wat is een EDUbox?
EDUbox is een educatief format van VRT waarmee jongeren in het secundair onderwijs op een interactieve manier maatschappelijke thema’s ontdekken. Leerlingen werken zelfstandig of in groep met fiches, video’s, interactieve tools en opdrachten. De rol van de leerkracht is vooral begeleidend.
EDUbox Online pesten: aanpak en tips
Vooraleer je met de EDUbox aan de slag gaat, raadt men leerkrachten aan om:
- een trigger warning te geven, zodat leerlingen zich kunnen voorbereiden op een gevoelig thema,
- een joker te voorzien voor leerlingen die bepaalde vragen niet willen beantwoorden,
- en contact te nemen met de leerlingbegeleiding indien er signalen van pesten zijn in de klasgroep.
De EDUbox gebruikt jongerentaal in de chatgesprekken voor herkenbaarheid, terwijl de rest in Standaardnederlands blijft.
Link met eindtermen
De EDUbox sluit aan bij verschillende sleutelcompetenties en eindtermen in de eerste en tweede graad secundair onderwijs, zoals:
- doelgericht communiceren,
- respectvol omgaan met anderen,
- regels rond digitale technologie naleven,
- en constructief in dialoog gaan over maatschappelijke thema’s.
Praktische organisatie
- Duur: ongeveer twee aaneensluitende lesuren.
- Werkvorm: zelfstandig groepswerk in groepjes van maximaal vijf leerlingen.
- Materiaal: digitale versie via interactieve website (aanbevolen) of pdf, pc/tablet met internet, en eventueel smartphones.
Opbouw EDUbox Online pesten
De EDUbox bestaat uit vijf delen:
- Van plagerijen tot problemen: verschil tussen plagen en pesten, getuigenissen en vormen van online pesten.
- Jij als omstaander: de cruciale rol van omstaanders en de 5 A’s van Sensoa.
- Aan de slag: leerlingen oefenen met een simulator en nemen beslissingen in pestsituaties.
- To snitch or not to snitch: verschil tussen klikken en melden, plus tips bij het zoeken van hulp.
- Meer weten: extra materiaal voor leerlingen, ouders en leerkrachten.
Toolbox voor ouders
Naast de EDUbox is er ook een digitale toolbox voor ouders: Online pesten ontrafeld. Deze longread helpt ouders om gepast te reageren als hun kind online gepest wordt.
Extra bronnen
Leerkrachten vinden bijkomende info en materiaal rond online pesten bij o.a. Mediawijs, Pimento, Kies Kleur tegen Pesten, WAT WAT, Child Focus en de Universiteit van Vlaanderen.
Bron: VRT EDUbox
Google voegt Flashcards, Quizzes en vernieuwde Rapporten toe aan NotebookLM
Na de introductie van Audio Overview-formats vorige week, breidt Google NotebookLM nu verder uit met nieuwe leertools: Flashcards, Quizzes, en een vernieuwd ontwerp voor Rapporten. Deze functies rollen vanaf vandaag uit.
Flashcards en Quizzes om kennis te verdiepen
In het Studio-paneel zijn twee nieuwe opties beschikbaar:
- Flashcards: handig om kernbegrippen, data en concepten uit je bronnen te memoriseren.
- Quizzes: een manier om je begrip te testen met vragen op maat van je studiemateriaal.
Gebruikers kunnen zelf het aantal kaarten of vragen instellen en kiezen tussen drie moeilijkheidsniveaus: Easy, Medium of Hard. Via een promptveld bepaal je het onderwerp.
Een extra functie is “explain”, waarmee NotebookLM een gedetailleerde uitleg genereert, inclusief bronverwijzingen. Dit helpt gebruikers niet enkel onthouden, maar ook begrijpen waarom een antwoord juist of fout is.
Vernieuwde Rapporten met slimme suggesties
De Rapporten in de Studio-tab zijn opnieuw ontworpen. NotebookLM doet nu dynamische suggesties op basis van het thema of de sector van je bronnen.
Voorbeelden:
- Bij een academisch artikel over economie kan NotebookLM een verklarende woordenlijst of een magazine-achtige analyse voorstellen.
- Bij een kortverhaal kan het systeem een karakteranalyse of een uitgebreide plotkritiek aanbieden.
Nieuw is ook de “Blog Post”-optie, naast de bestaande formaten Briefing doc, Study Guide en Create Your Own.
Learning Guide: interactieve gespreksstijl
Vanaf volgende week kun je de chatfunctie personaliseren met een Learning Guide-stijl. Deze aanpak lijkt op de Gemini-app en stimuleert actief leren via open vragen, stapsgewijze uitleg en aangepaste toelichtingen. Het doel: niet enkel antwoorden geven, maar gebruikers helpen problemen zelf te ontleden en beter te begrijpen.
Samenwerking met OpenStax
NotebookLM lanceert daarnaast interactieve notitieboeken gebaseerd op populaire academische titels van OpenStax, aanbieder van gratis peer-reviewed leerboeken. Zes interactieve versies zijn vanaf vandaag beschikbaar voor middelbare scholieren en studenten.
[adv] Wat met blind leren typen nu scholen terug meer moeten inzetten op kennis?
[Advertorial] We staan in de startblokken van het nieuwe schooljaar. Ook voor leerkrachten is dit telkens weer wat spannend, zeker nu met de nieuwe leerplannen. Er moet terug meer ingezet worden op kennisoverdracht en er blijft dus minder tijd over voor het aanleren van vaardigheden, zoals bv. het blind leren typen.
Nochtans is iedereen het er over eens dat leren typen vandaag een must is. Leerlingen die blind kunnen typen, hebben een enorme voorsprong op leeftijdsgenoten die dit niet kunnen, o.a. omdat ze hun aandacht meer kunnen richten op de inhoud van de tekst in plaats van het produceren ervan. Leerlingen met een extra ondersteuningsbehoefte (dyslexie, DCD, autisme, schrijfproblemen, …) zouden hun leerkwaliteiten beter kunnen laten zien wanneer ze vaker kunnen typen. Zie ook dit artikel.
Typ10 ijvert er sinds enkele jaren voor om het blind typen klassikaal aan te leren en dit liefst al in het basisonderwijs omdat het leerproces op jongere leeftijd een stuk gemakkelijker verloopt. Door dit gestructureerd en in klasverband aan te pakken, krijgen alle leerlingen dezelfde kansen.

Soms geven scholen aan dat ze hiervoor jammer genoeg geen kostbare lestijd kunnen vrijmaken, een verzuchting die maar al te goed te begrijpen valt. Typ10 ging daarom op zoek naar een creatieve oplossing zodat het één het ander niet in de weg hoeft te staan:
De basis van het blind leren typen in slechts vijf lesuren
In het verleden was het steeds de bedoeling dat er 10 klassikale lessen aan het blind leren typen gewijd werden maar de essentie van het programma (het aanleren van de basisletters) kan gemakkelijk teruggebracht worden naar 5 lessen. Tijdens deze lessen wordt er ingezet op de multimodale leerstrategieën voor het memoriseren van de letterposities en het vinden van de letters op het toetsenbord.

Vervolgens kunnen de leerlingen dit zelfstandig verder inoefenen tijdens hoekenwerk, individueel contractwerk, middagpauze, zorgmoment en uiteraard thuis. Dit hoeft dus niet tijdens de lestijd te gebeuren. Via een handige opvolgtool kan de leerkracht de vooruitgang van de leerlingen bijhouden en individuele doelen bepalen.
Aangezien de leerlingen 2 jaar toegang hebben tot het programma, kun je de hoofdletters, cijfers en speciale karakters dan pas in het volgende schooljaar aan bod laten komen, eventueel tijdens de ICT-les of een korte herhalingsles.
Kennis oefenen terwijl je blind leert typen
Een andere belangrijke aanpassing is dat er in het online platform een extra vakoverschrijdende module is toegevoegd waardoor leerlingen het typen verder kunnen automatiseren, terwijl ze tegelijkertijd hun taal en WO oefenen (bv. woordenschat met verklaring, spelling, dictee, Frans of WO-weetjes). Op die manier zet je tegelijkertijd in op kennis én vaardigheden en staat niets je dus nog in de weg om het blind typen mee op te nemen op school!
We organiseren opleidingen voor leerkrachten zodat je de nodige tips, tricks en ondersteuning krijgt om leerlingen optimaal stap voor stap te begeleiden in hun leerproces.

Basisprincipes van Typ10
De Typ10 methode is gegroeid vanuit DRIE BASISPRINCIPES:
– Inclusiviteit: Elk kind leert op een andere manier dus we reiken zoveel mogelijk verschillende leerkanalen aan. Er is veel aandacht voor neurodiversiteit en aandachtsstoornissen.
– Begeleiding: Onderzoek wijst uit dat begeleid blind leren typen met goede instructie van een lesgever, de beste resultaten geeft. Zo is er bijvoorbeeld meer controle op het blijven inzetten van alle vingers en het kijken naar het scherm en niet naar het toetsenbord. We leiden leerkrachten op voor een optimale begeleiding.
– Positieve bekrachtiging: Het niveau wordt stapsgewijs opgebouwd en gedifferentieerd per leerling. Er kunnen extra hulpmiddelen ingezet worden voor leerlingen die hier (nog) behoefte aan hebben. Er is ook geen afstraffing van fouten of tijdsdruk zoals in veel online programma’s het geval is. We zetten in op motivatie en reductie van faalangst.
Nieuwe projecten: Éénhandig typen en visueel geleid typen
Typ10 werkt samen met therapeuten, revalidatiecentra en met de universiteit van Gent om te blijven innoveren en om zo inclusief mogelijk te zijn. Sinds kort gaat dit nog een stap verder: er is nu ook een aangepaste versie ontwikkeld om kinderen te begeleiden die maar één hand actief kunnen inzetten bij het typen (bijv. door cerebrale parese, niet aangeboren hersenletsel, arm- of handdefecten) of kinderen die door motorische en/of cognitieve redenen slechts één of enkele vingers kunnen inzetten bij het typen.
Opleiding volgen
Wil jouw school ook starten met Typ10? Er worden online opleidingen georganiseerd op verschillende data. In samenspraak kan dit ook op jouw school doorgaan.
Dit is een commerciële bijdrage aangeleverd door Typ10. Heb je nog vragen of wil je graag meer te weten komen over de Typ10-methode? Schrijf je dan in voor een gratis online infosessie.
Whizzkids organiseert opnieuw ICT-wedstrijd voor lagere en secundaire scholen
Scholen kunnen zich nog tot 25 september inschrijven voor de nieuwe editie van Whizzkids, een gratis ICT-wedstrijd voor leerlingen van het lager onderwijs en de eerste graad B-stroom van het secundair onderwijs.
Whizzkids is een ICT-wedstrijd die inzet op mediawijsheid en digitale vaardigheden bij leerlingen. Deelnemende klassen krijgen twee reeksen van telkens twintig vragen, die ze in groep oplossen via Google Classroom en een Google Formulier. De opdrachten sluiten aan bij de leerinhouden en eindtermen ICT. De organisatie houdt daarbij rekening met de recent ingevoerde minimumdoelen in het onderwijs.
Voor het basisonderwijs en het buitengewoon lager onderwijs (BuLO) is de planning als volgt:
- Reeks 1 loopt van 6 oktober tot 19 november 2025
- Reeks 2 van 8 december 2025 tot 28 januari 2026
Daarna volgen kwartfinales op 3 maart en online halve finales tussen 17 en 20 maart. De kleine finales vinden plaats op 28 april in ZOO Antwerpen, de grote finales op 28 mei in Walibi.
In het secundair onderwijs richt Whizzkids zich uitsluitend op de eerste graad B-stroom, BuSO en OKAN. De A-stroom wordt niet langer opgenomen. De twee reeksen vinden plaats van 13 oktober tot 26 november 2025 en van 19 januari tot 25 februari 2026. De finaledag in Walibi valt op 28 mei.
Meer dan een wedstrijd
Whizzkids is meer dan alleen een competitie. Leerkrachten kunnen het hele jaar door gebruikmaken van extra lesmateriaal, zoals de Qwhizzkids-reeksen. Deze bestaan uit korte online zoekopdrachten met zelfcorrigerende formulieren. Er zijn ook thematische reeksen beschikbaar over uiteenlopende onderwerpen, en aanvullend materiaal voor kleuters, onderbouw en Franstalige leerlingen.
De organisatie wil met het initiatief bijdragen aan digitale geletterdheid en samenwerking in de klas. Inschrijven voor de editie 2025-2026 kan nog tot en met 25 september.
ChatGPT introduceert Agent Mode met grote gevolgen voor onderwijssector
OpenAI heeft een nieuwe functie toegevoegd aan ChatGPT: Agent Mode. Deze modus stelt de chatbot in staat om complexe taken uit te voeren, zoals e-mails beantwoorden, spreadsheets invullen en zelfstandig informatie opzoeken op het internet. De introductie van deze functie betekent een belangrijke stap richting volwaardige AI-assistenten en heeft mogelijk grote gevolgen voor het onderwijs.
Agent Mode combineert twee bestaande mogelijkheden van ChatGPT: Operator en Deep Research. Operator laat de AI communiceren met websites, terwijl Deep Research gericht is op het verwerken en structureren van informatie. Samen maken ze het mogelijk voor ChatGPT om op een virtuele desktop handelingen uit te voeren zoals een mens dat zou doen.
Concreet betekent dit dat de AI nu in staat is om kalenders te raadplegen, vergaderingen voor te bereiden op basis van recente nieuwsfeiten, boodschappenlijstjes samen te stellen en bestellingen te plaatsen. Daarnaast kan Agent Mode ook concurrentieanalyses uitvoeren en daarvan presentaties maken. Voor veel gebruikers, waaronder ook leerkrachten, opent dit nieuwe mogelijkheden. Agent Mode kan helpen bij het opstellen van lesmateriaal, het structureren van lesplannen en het verwerken van administratieve taken zoals het bijhouden van e-mails en leerlingenlijsten.
In vergelijking met traditionele AI-chatbots biedt Agent Mode meer dan alleen antwoorden op vragen. Het systeem voert zelfstandig opdrachten uit, en dat maakt het vooral in een professionele context interessant.
Ondersteuning én uitdagingen in de klas
Voor docenten kan deze functie een nuttig hulpmiddel zijn om tijd te besparen bij het voorbereiden van lessen of het verzamelen van informatie. Zo kunnen zij de AI bijvoorbeeld inzetten om vacatures op te zoeken en deze automatisch in een overzichtelijk spreadsheet te laten gieten. Ook bij het maken van presentaties blijkt Agent Mode beter te presteren dan eerdere AI-oplossingen. Volgens een gebruiker werkte de AI meer dan een uur aan een presentatie en leverde die af met degelijke inhoud, visueel aantrekkelijk vormgegeven en voorzien van relevante bronnen.
Toch zijn er ook duidelijke risico’s. Door de uitgebreide mogelijkheden van Agent Mode wordt het voor studenten makkelijker om AI in te zetten voor oneigenlijk gebruik. Waar klassieke AI-tools vooral tekst genereren, kan deze modus opdrachten volledig overnemen. Studenten kunnen bijvoorbeeld AI gebruiken om vragen te beantwoorden over essays die ze niet zelf geschreven hebben, werkbladen in te vullen of zelfs volledige quizzen te maken. Een leerkracht merkt op dat hij er nu voor het eerst rekening mee moet houden dat AI misschien zelfs voor studenten inlogt op het leerplatform.
Het risico op misbruik van AI in het onderwijs is niet nieuw, maar Agent Mode maakt de mogelijkheden wel concreter. Docenten zullen moeten nadenken over manieren om AI-gebruik te detecteren en eventueel reguleren in hun lessen.
Beperkte beschikbaarheid en prijskaartje
Agent Mode is momenteel enkel beschikbaar voor betalende gebruikers. De functie is toegankelijk voor abonnees van de Plus-, Pro-, Team-, Enterprise- en Edu-abonnementen. Het goedkoopste abonnement, Plus, kost 20 dollar per maand. Voor wie toegang wil tot uitgebreidere functionaliteit, zoals het gebruik van de meest geavanceerde GPT-modellen, loopt het bedrag op tot 200 dollar per maand voor een Pro-abonnement.
Hoewel deze prijzen voor sommige instellingen of individuele gebruikers een drempel vormen, blijkt dat de tool ook met de goedkopere abonnementen al een meerwaarde biedt. Er zijn wel beperkingen op het gebruik van geavanceerde functies binnen deze goedkopere formules.
Balans tussen efficiëntie en ethiek
De introductie van Agent Mode luidt een nieuwe fase in de integratie van AI binnen het onderwijs. Enerzijds vergroot het de efficiëntie voor docenten en onderzoekers, anderzijds roept het ethische vragen op over de grenzen van AI-gebruik in het leerproces.
Gebruikers geven aan onder de indruk te zijn van de praktische meerwaarde, maar waarschuwen tegelijk voor de snelle evolutie van deze technologie. Agent Mode toont niet alleen wat er al mogelijk is, maar geeft ook een blik op de richting die AI opgaat: van statische chatbot naar dynamische digitale assistent. Voor het onderwijs betekent dit dat de inzet van AI niet langer vrijblijvend is, maar deel wordt van een bredere discussie over pedagogie, toetsing en integriteit.
Roblox krijgt educatieve update met AI-tools en leerplatform
Roblox voegt nieuwe functies toe voor gebruik in het onderwijs, waaronder een leerhub en AI-ondersteuning voor het bouwen van educatieve games. Leerkrachten kunnen de populaire gameomgeving nu inzetten om leerlingen te laten kennismaken met coderen, ontwerpen en samenwerken.
Roblox is een online platform waarop miljoenen gebruikers wereldwijd zelf games en 3D-ervaringen maken en delen. In essentie is het een blokkengebaseerd multiplayer spel dat beschikbaar is als app en via de browser. Hoewel het platform oorspronkelijk niet ontwikkeld werd voor educatief gebruik, ontstaan er steeds meer toepassingen binnen het onderwijs.
Een belangrijk voordeel is de creatieve vrijheid binnen Roblox Studio, de tool waarmee gebruikers hun eigen spelwerelden bouwen. De software maakt gebruik van de programmeertaal Lua. Daardoor leent het platform zich goed voor lessen in informatica of digitale geletterdheid. Leerlingen kunnen zelfstandig of in groep games bouwen, wat samenwerking en probleemoplossend denken stimuleert.


Met de introductie van de Learning Hub in de zomer van 2025 zet Roblox sterker in op de onderwijsmarkt. Deze omgeving biedt leerinhoud op maat van specifieke vakken en leerjaren. Binnen de hub zijn games beschikbaar die thematisch aansluiten bij vakken zoals taal, wiskunde, wetenschappen en techniek. Voorbeelden zijn Words of Power (woordenschat), Math Tower Race (wiskunde), Ecos: La Brea (aardwetenschappen) en Sesame Street Mecha Builder (STEM).
Veiligheid en controle voor scholen
Veiligheid blijft een aandachtspunt, zeker wanneer jongeren zich op online platformen begeven. Roblox heeft verschillende veiligheidsopties ingebouwd die gericht zijn op gebruik binnen scholen. Zo kunnen leerkrachten en ouders instellen welke communicatievormen worden toegestaan en welke inhoud zichtbaar is. Het platform is in principe bedoeld voor spelers vanaf 13 jaar. Jongere kinderen worden aangeraden het platform enkel onder toezicht te gebruiken.
Hoewel communicatie en inhoud deels gecontroleerd worden, kunnen gebruikers in contact komen met de bredere Roblox-community. Niet alle spelomgevingen zijn dus automatisch geschikt voor onderwijsdoeleinden. Het is daarom belangrijk om de instellingen van een account aan te passen. Roblox laat toe om chatfuncties te beperken of uit te schakelen, en leeftijdsgebaseerde filters in te schakelen.


De populairste spellen op het platform, zoals MeepCity, Adopt Me! en Work at a Pizza Place, trekken samen miljarden bezoeken aan. In deze spellen kunnen spelers samenwerken, taken uitvoeren en digitale valuta verdienen, genaamd Robux. Deze valuta kan ook ingezet worden als beloningssysteem in een educatieve context.
Nieuwe AI-tools ondersteunen educatieve creatie
Een opvallende vernieuwing in 2025 is de toevoeging van AI-functionaliteiten. Deze maken het eenvoudiger voor leerlingen en leerkrachten om eigen content te bouwen. Met AI kunnen gebruikers 3D-modellen genereren, tekstuele elementen aanmaken via prompts, games vertalen en beter samenwerken. Dit verlaagt de drempel voor wie geen ervaring heeft met programmeren of game design.
Daarnaast kunnen leerlingen via het platform kennis maken met economische principes. Wie een game maakt, kan deze publiceren en zelfs monetiseren. Dit biedt een instap in onderwerpen zoals digitale handel, auteursrechten en verdienmodellen.


Roblox leent zich zowel voor klassikale toepassingen als individueel gebruik. Leerlingen kunnen in realtime samenwerken aan een project of zelfstandig aan de slag gaan. Het platform ondersteunt groepswerk, maar ook interactie via berichtenborden, vriendennetwerken en spelgroepen.
Voor leerkrachten die het platform willen integreren in hun lessen, zijn er voorbeeld-lesplannen beschikbaar. Deze tonen hoe Roblox praktisch ingezet kan worden om leerdoelen te bereiken in verschillende vakken.
Onderwijs krijgt extra mogelijkheden in de virtuele wereld
Roblox biedt scholen een flexibel platform voor digitaal leren, dat aansluit bij de leefwereld van jongeren. Via het bouwen, ontwerpen en programmeren van games kunnen leerlingen vaardigheden ontwikkelen die aansluiten bij toekomstige loopbanen in IT, design of digitale media. De recente toevoeging van educatieve functies en AI-tools versterkt dat potentieel.

Tegelijk vraagt het gebruik van Roblox in de klas om duidelijke afspraken, technische begeleiding en toezicht. Wie de juiste veiligheidsinstellingen toepast en het platform doelgericht inzet, kan rekenen op een leeromgeving met veel mogelijkheden voor creativiteit en samenwerking.
Dit zijn de beste virtuele uitstappen voor scholen
Virtuele schoolreizen worden steeds vaker ingezet als alternatief voor fysieke uitstappen. Ze bieden leerkrachten een manier om leerlingen op een interactieve manier kennis te laten maken met kunst, geschiedenis, natuur en wetenschap, zonder het klaslokaal te verlaten.
Door dalende schoolbudgetten en beperkte lestijd zijn fysieke uitstappen niet altijd haalbaar. Virtuele schoolreizen bieden dan een laagdrempelig alternatief. Met behulp van technologie zoals virtuele of augmented reality kunnen leerlingen historische locaties, musea of natuurgebieden verkennen vanaf een scherm. Dat verhoogt de betrokkenheid en maakt lesmateriaal tastbaarder.
Er zijn tal van virtuele bestemmingen beschikbaar, verdeeld over verschillende domeinen. Zo kunnen leerlingen een digitale rondleiding volgen in kunstmusea zoals het Louvre of het Van Gogh Museum. Geschiedenisliefhebbers kunnen dan weer virtueel langsgaan bij het Anne Frank Huis of het Smithsonian National Museum of American History.
Ook op het vlak van burgerschapseducatie zijn er mogelijkheden. Websites bieden digitale bezoeken aan instellingen zoals het Amerikaanse Hooggerechtshof of het Europees Parlement. Voor wie zich interesseert in wetenschap en technologie zijn er virtuele uitstappen naar ruimtelaboratoria van NASA of interactieve STEM-platformen. Daarnaast blijven ook natuurgebieden en aquaria populair, zoals het Great Barrier Reef of het Monterey Bay Aquarium.
Breed inzetbaar in het onderwijs
Virtuele schoolreizen zijn flexibel inzetbaar in verschillende onderwijsvormen. Ze vereisen geen logistieke planning en zijn vaak gratis beschikbaar. Bovendien kunnen leerkrachten de digitale ervaringen integreren in lessen en opdrachten.
Door het groeiende aanbod aan kwalitatieve virtuele excursies blijft het voor scholen mogelijk om leerlingen op een visuele en interactieve manier kennis te laten maken met de wereld, zelfs als het budget of de tijd beperkt is.
Tech&Learning heeft een interessant overzicht opgezet met meer dan 50 leuke digitale uitstappen, opgedeeld in verschillende thema’s. De volledige lijst kan je hier terugvinden.
Google voegt ‘Featured Notebooks’ toe aan NotebookLM
Google introduceert ‘Featured Notebooks’ in NotebookLM. Deze nieuwe functie biedt gebruikers toegang tot vooraf samengestelde notitieboeken met samenvattingen en podcasts op basis van bestaande bronnen.
NotebookLM is een AI-tool van Google die gebruikers helpt informatie uit documenten en online bronnen te structureren en samen te vatten. De tool is vooral populair in het onderwijs. Leraren gebruiken NotebookLM onder andere om lesmateriaal te verwerken en complexe teksten toegankelijker te maken via AI-gegenereerde podcasts.
De nieuwe functie ‘Featured Notebooks’ biedt kant-en-klare notitieboeken die zijn samengesteld door experts. Gebruikers krijgen hiermee directe toegang tot samenvattingen en bijhorende podcasts rond specifieke thema’s. Bij de lancering zijn er acht notitieboeken beschikbaar, waaronder een samenvatting van het boek Super Agers van Eric Topol en een vooruitblik op het jaar 2025, gebaseerd op het The World Ahead-rapport van The Economist.
Ondersteuning voor lesgevers en studenten
Voor wie zelf een notitieboek wil samenstellen, kan dat tijdrovend zijn. Met de voorgeselecteerde notitieboeken kunnen gebruikers sneller aan de slag. De AI-podcasts in elk notitieboek klinken opvallend realistisch en bevatten gesprekken die gebaseerd zijn op de geselecteerde bronnen. Gebruikers kunnen ook vragen stellen aan een chatbot die werkt op basis van de inhoud van het notitieboek.
Educatoren kunnen de nieuwe functie gebruiken om studenten op een laagdrempelige manier kennis te laten maken met complexe onderwerpen. Een mogelijk scenario is dat studenten eerst een AI-gesprek voeren over een bepaald onderwerp en daarna zelf bronnen zoeken die een andere visie bieden. Zo stimuleert de tool kritisch denken en bronanalyse.
Hoewel de functie extra gebruiksgemak biedt, blijft het volgens gebruikers belangrijk om ook originele bronnen te raadplegen. Een samenvatting geeft immers niet altijd het volledige beeld.
Met Featured Notebooks wil Google NotebookLM toegankelijker maken voor een breder publiek. De functie vormt een aanvulling op de bestaande mogelijkheden van het platform, en kan vooral in het onderwijs extra waarde bieden.