Desinformatie aanpakken met AI: kansen en risico’s

- Joachim Cruysberghs

Wat gebeurt er als AI antwoorden genereert die foutieve info bevatten?

Een speech met foutieve citaten, gegenereerd door AI, bracht de rector van de UGent recent in opspraak. Het incident illustreert hoe krachtig en tegelijk risicovol generatieve AI vandaag is. Informatie was nog nooit zo toegankelijk, maar tegelijk verspreidt misinformatie zich sneller en op grotere schaal dan ooit tevoren. Dat zet niet alleen individuele gebruikers maar ook instellingen en media onder druk.

Waar we vroeger actief op zoek moesten naar informatie, wordt die vandaag continu aangeleverd via algoritmes op digitale platformen. Die verschuiving verandert fundamenteel hoe we informatie consumeren én hoe publieke opinie tot stand komt. In die context neemt artificiële intelligentie een centrale plaats in binnen het digitale ecosysteem.

Volgens Virginia Ghiara, Senior Research Manager bij Fujitsu Research Europe, biedt AI belangrijke mogelijkheden om informatie beter te analyseren en te structureren. Systemen kunnen grote hoeveelheden data verwerken, patronen detecteren en content evalueren. Zo kan AI bijdragen aan meer transparantie en betrouwbaarheid. Tegelijk benadrukt ze dat technologie op zich geen garantie biedt op positieve resultaten. De manier waarop systemen ontworpen en ingezet worden, blijft doorslaggevend.

Informatie als strategische troef

“Informatie is meer dan data,” stelt Ghiara. “Het is een strategische troef die aan de basis ligt van goed geïnformeerde beslissingen, burgerbetrokkenheid en vertrouwen in instellingen.” Wanneer die informatiestroom bewust wordt verstoord, blijven de gevolgen niet beperkt tot individuele misvattingen. Ze hebben een directe impact op maatschappelijke stabiliteit en democratische processen.

Concrete voorbeelden tonen hoe breed dat probleem is. Zo circuleerden er recent valse video’s van zogenaamd verloederde Europese steden, met als doel polarisatie aan te wakkeren. Ook werd een AI-versie van de Belgische koning gebruikt in een phishingcampagne. Internationaal leidde desinformatie zelfs tot onrust, zoals bij rellen in het Britse Southport. Tijdens de coronapandemie beïnvloedde foutieve informatie bovendien de bereidheid van mensen om zich te laten vaccineren.

AI: oplossing én probleem

AI biedt duidelijke opportuniteiten in de strijd tegen desinformatie. Denk aan geautomatiseerde contentanalyse, factchecking, detectie van gemanipuleerde media en het opsporen van gecoördineerde beïnvloedingscampagnes. Dergelijke toepassingen versterken het werk van journalisten, onderzoekers en publieke instellingen en helpen om sneller in te grijpen wanneer informatie vervalst wordt.

Tegelijk maakt dezelfde technologie het eenvoudiger om misleidende content te produceren. Synthetische teksten, beelden en video’s worden steeds moeilijker te onderscheiden van authentieke bronnen. Dat maakt AI tot een tweesnijdend zwaard en legt een gedeelde verantwoordelijkheid bij technologiebedrijven, beleidsmakers en eindgebruikers. Bovendien is AI-output nooit volledig neutraal: ontwerpkeuzes, datasets en governance bepalen mee de uiteindelijke impact.

Onderwijs als sleutel

Volgens Ghiara blijft onderwijs de meest duurzame verdediging tegen desinformatie. Kritisch denken, mediageletterdheid en digitaal bewustzijn zijn essentieel om informatie correct te interpreteren en te gebruiken. Technologie kan daarbij ondersteunen, maar niet vervangen.

Digitale geletterdheid gaat verder dan technische vaardigheden alleen. Het betekent ook dat gebruikers bronnen kritisch kunnen evalueren, context begrijpen en inzicht hebben in hoe algoritmes werken. AI kan het onderwijs versterken via gepersonaliseerd leren en meer transparantie over digitale processen, maar moet steeds ingebed worden in een bredere pedagogische aanpak.

Naar een weerbare informatiesamenleving

De aanpak van desinformatie vraagt meer dan technologie of regelgeving alleen. Er is nood aan samenwerking tussen onderwijs, media, overheid en de technologiesector. Elk van die actoren speelt een rol in het versterken van betrouwbare informatieomgevingen.

ICT-bedrijven moeten inzetten op ethisch ontwerp, transparante systemen en sterke data-governance. Overheden moeten een duidelijk en open informatiebeleid voeren. Onderwijsinstellingen moeten digitale en mediageletterdheid structureel verankeren. Uiteindelijk draait het niet alleen om toegang tot informatie, maar om het vermogen van burgers om die informatie kritisch en doordacht te gebruiken.