Microsoft breidt Copilot uit met nieuwe functies voor onderwijs

Microsoft introduceert nieuwe updates voor Copilot in Microsoft 365-apps, waaronder Business Chat, Copilot Pages en verbeterde databeveiliging voor ondernemingen.

Daarnaast biedt het bedrijf nieuwe inzichten over het gebruik van AI in het onderwijs, gebaseerd op de Work Trend Index van 2024.

Nieuwe functies en AI-inzichten voor onderwijs

De nieuwste update van Microsoft Copilot brengt nieuwe functies die het onderwijs kunnen ondersteunen. Volgens Microsoft maakt 71% van de onderwijsprofessionals al gebruik van AI, maar heeft 63% van de instellingen nog geen duidelijke strategie voor de implementatie van AI. Hierdoor kiezen veel medewerkers voor hun eigen AI-oplossingen. De nieuwe updates moeten dit gebruik stroomlijnen en ondersteunen.

Daarnaast benadrukt Microsoft het belang van AI-geletterdheid onder docenten en studenten. Uit het rapport blijkt dat er een grote behoefte is aan betere educatie over AI, aangezien veel onderwijsprofessionals niet weten hoe ze AI effectief kunnen gebruiken. Ook wordt voorspeld dat AI de verantwoordelijkheden van jonge werknemers zal vergroten.

Uitbreidingen in Microsoft 365

Naast de onderwijsinzichten breidt Microsoft Copilot verder uit met nieuwe functies zoals Business Chat en Copilot Pages. Business Chat centraliseert verschillende databronnen, zodat gebruikers efficiënter kunnen werken. Copilot Pages biedt een samenwerkingsplatform waar teams in real-time met AI kunnen werken. Deze functies zullen in de komende weken beschikbaar zijn.

Andere updates richten zich op specifieke Microsoft 365-apps. Zo krijgt Excel nieuwe mogelijkheden met Python, biedt PowerPoint een Narrative Builder, en kan Copilot in Teams zowel vergadertranscripten als -chats analyseren. Outlook introduceert een functie om de inbox te prioriteren en OneDrive biedt tools om bestanden eenvoudig te vergelijken en samen te vatten.

Focus op databeveiliging

Microsoft legt daarnaast de nadruk op enterprise data protection (EDP) voor onderwijsinstellingen. Dit zorgt ervoor dat alle interacties met Copilot veilig zijn en voldoen aan de bestaande privacy- en beveiligingsnormen van Microsoft. Hierdoor kunnen gebruikers erop vertrouwen dat hun data privé blijft en niet wordt gebruikt om AI-modellen te trainen.

De updates voor Microsoft Copilot zijn vanaf deze maand beschikbaar voor onderwijsprofessionals en studenten ouder dan 18 jaar. Ook is er een preview-programma voor studenten vanaf 13 jaar, met dezelfde beveiligingsmaatregelen.

Onderwijsinstellingen betalen na een hack meer losgeld dan aanvankelijk geëist

Volgens een rapport van Sophos bedroeg de mediane betaling van losgeld 6,6 miljoen dollar voor organisaties in het lager onderwijs, en 4,4 miljoen dollar voor het hoger onderwijs. Daarnaast stelt het onderzoek dat 55 procent van de respondenten uit het lager onderwijs en 67 procent van hun collega’s uit het hoger onderwijs meer hebben betaald dan aanvankelijk geëist werd.

Ransomware-aanvallen drukken zeker hun stempel, aangezien slechts 30 procent van de slachtoffers in zowel lager als hoger onderwijs in staat was om binnen één week of sneller te herstellen. Vorig jaar was dat nog 33 procent in het lager en 40 procent in het hoger onderwijs. Die vertraagde herstelperiode heeft wellicht te maken met het feit dat onderwijsinstellingen met beperkte teams en middelen moeten werken. Daardoor hebben ze het lastiger om dit proces te coördineren.

“Helaas zijn scholen, universiteiten en andere onderwijsinstellingen als doelwit verantwoording verschuldigd aan gemeenten, gemeenschappen en de studenten zelf. Dat zorgt inherent voor veel druk wanneer ze door ransomware worden getroffen en gedestabiliseerd. Onderwijsinstellingen voelen zich verantwoordelijk om open te blijven en hun diensten aan gemeenschappen te blijven leveren. Die twee factoren zijn zeker drijfveren voor slachtoffers om te betalen”, zegt Chester Wisniewski, Director, Field CTO, bij Sophos.

“We weten ook dat ransomware-aanvallers de lat hoger leggen om betaling te forceren. Zo vormt het compromitteren van de back-ups van hun slachtoffers een vast onderdeel van een aanval met ransomware. Wanneer duidelijk is dat gegevens zonder decoderingssleutel niet kunnen worden hersteld, zitten ze in een sterke positie om de losgeldeisen te verhogen.”

Back-ups worden aangevallen

Liefst 95 procent van de respondenten geeft aan dat cybercriminelen hun back-ups hebben proberen te compromitteren. Bij 71 procent is dat effectief gelukt. Het percentage is het op één na hoogste van alle sectoren. Gecompromitteerde back-ups doen de rekening om te herstellen aanzienlijk stijgen, waardoor de eindafrekening vijf keer hoger uitkomt in het lager onderwijs, en vier keer hoger in het hoger onderwijs.

Ondanks alle moeilijkheden die ransomware met zich meebrengt, is het aantal aanvallen in het afgelopen jaar toch afgenomen: 63 procent van de organisaties in het lager onderwijs en 66% van de instellingen in het hoger onderwijs kregen te maken met een ransomware-aanval. Een jaar eerder bedroegen die percentages nog 80 procent en 79 procent. Tegelijkertijd is het percentage versleutelde data wel licht gestegen: 85 procent van de aanvallen in het lager onderwijs en 77 procent van de aanvallen in het hoger onderwijs resulteerde in versleuteling van gegevens.

Dat is een lichte stijging ten opzichte van het rapport uit 2023 – met respectievelijk 81 procent en 73 procent. Helaas blijft het niet bij het versleutelen van de data, cybercriminelen stelen de gegevens ook om nog meer geld uit de aanval te slaan. Zo stelt 22 procent van de respondenten uit het lager en 18 procent van de participanten uit het hoger onderwijs dat hun versleutelde gegevens ook gestolen zijn.

Belangrijkste oorzaak

Uit het onderzoek blijkt dat misbruikte kwetsbaarheden de grootste oorzaak zijn van de aanvallen in het onderwijs. In 44 procent van de ransomware-aanvallen in het lager onderwijs en 42 procent in het hoger was dit de manier waarop cybercriminelen een weg naar het netwerk vonden.

De cijfers uit het onderzoek van Sophos tonen aan dat scholen en andere onderwijsorganisaties voordeel halen uit een gelaagde securityaanpak. Die omvat het scannen van kwetsbaarheden en begeleiding bij het prioriteren van patching om het aanvalsoppervlak te verkleinen, het beveiligen van endpoints met anti-ransomware functionaliteiten die aanvallen automatisch detecteren en stoppen, en 24/7 detectie- en responsdiensten (MDR) onder leiding van mensen om complexe, door mensen gestuurde aanvallen te neutraliseren. Idealiter door gebruik te maken van telemetrie van back-upoplossingen om aanvallers te detecteren en stoppen voor ze schade aanrichten.

“Hoewel we positieve vooruitgang zien in de strijd tegen ransomware binnen de onderwijssector, is het zorgwekkend dat het aandeel van de aanvallen met dataversleuteling jaar na jaar toeneemt. Dit toont dat onderwijsinstanties moeten blijven werken om hun weerbaarheid tegen ransomware te verbeteren. Met overbelaste resources en beperkte budgetten moeten ze zich focussen op de controles die de meeste impact hebben. Met een mediane herstelkost van drie miljoen dollar in het onderwijs is het duidelijk dat sterke oplossingen voor preventie en bescherming de algemene financiële impact van cyberaanvallen op onderwijsinstellingen aanzienlijk kunnen verminderen”, zegt Wisniewski.

Lees het volledige securityrapport van Sophos hier (PDF).

Hybride lesgeven in secundair onderwijs: papier en digitaal hebben elk hun pluspunten

Leerkrachten uit het secundair onderwijs erkennen de meerwaarde van digitale leerplatformen, maar wel in combinatie met de vertrouwde papieren versies.

Volgens een enquête van Van In blijkt dat leerkrachten uit het secundair onderwijs steeds meer digitale leerplatformen gebruiken. Toch gaat dit niet ten koste van het gebruik van papier. De grote meerderheid van de leerkrachten verkiest namelijk hybride lesgeven. Volgens Vicky Adriaensen, Managing Director bij Van In, heeft dit te maken met het feit dat leraren twijfelen of digitaal altijd hetzelfde leerrendement heeft als papier’.

Digitale leerplatformen

Leerkrachten uit het secundair onderwijs zien een meerwaarde in het gebruik van digitale leerplatformen. Die meerwaarde komt naar boven in verschillende stappen in het leerproces zoals het voorbereiden, lesgeven, of bij het maken van opdrachten en taken.

Onderzoek Van In – Meerwaarde digitale leerplatformen en leerproces

Wanneer het gaat over evaluaties, toetsen of opvolging, daalt deze meerwaarde lichtjes. “Wat leerkrachten als laatste gaan durven loslaten, zijn de toetsen. Dat is een cijfer dat telt voor leerlingen en dus heel belangrijk”, aldus Adriaensen.

Hardware

Bijna alle scholen werken ondertussen met laptops. Minder dan twintig procent van de scholen zet smartphones of tablets in. Verder kan meer dan de helft van de leerlingen een laptop huren via hun school. Daarnaast geeft 75 procent van de leerkrachten in het secundair onderwijs aan dat iedere leerling in de klas kan beschikken over een eigen laptop.

“De Digisprong hebben we ondertussen gehad, maar er zal weldra wel nood zijn aan nieuwe hardware”, stelt Adriaensen. Uit het onderzoek bleek dat bijna de helft van de leerkrachten niet op de hoogte is van het investeringsbeleid van de school. Bovendien zal er nog meer nood zijn aan meer ondersteuning voor leraren om de apparatuur didactisch optimaal te leren inzetten.

Hybride lesgeven

Een grote meerderheid van de leerkrachten lijkt het digitale aspect te omarmen, maar zonder het traditionele papierwerk los te laten. Bijna 80 procent van de leerkrachten vindt het werken met een digitaal boek interessant, zeker in combinatie met een papieren boek. Amper tien procent staat volledig achter het digitale boek, waarbij de papieren versie overbodig zou worden.

Van In onderzoek – Op welke manier zou je de volgende onderdelen aanbieden?

“De linkse onderdelen op de grafiek hebben voornamelijk betrekking op alles wat de leerkracht nodig heeft om zich voor te bereiden, waaronder handleidingen, uitbreidings- en extra materialen. Daar doen ze al best veel digitaal”, vertelt Adriaensen. Gaat het over oefeningen, opdrachten of evaluaties, komt de hybride methode van zowel papier als digitaal sterk naar boven.

Onzekerheid

Met de stelling “in 2029 werken leerlingen in de klas meestal digitaal (bv. laptop) en af en toe op papier”, is de grote meerderheid van de leerkrachten het niet mee eens. “Dit betekent niet dat leerkrachten tegen digitaal werken zijn, maar er zijn heel weinig leerkrachten die zeggen dat de toekomst alleen maar digitaal is”, verduidelijkt Adriaensen.

Er speelt volgens haar voor een groot stuk ook onzekerheid mee. “Leerkrachten worstelen met het idee van volledig in te zetten op het digitale aspect. Alles wat er digitaal gebeurt kan je minder goed controleren in vergelijking met papier.” Bovendien wordt er vaak gezegd dat leerlingen al te veel worden blootgesteld aan schermen. “Leerkrachten vragen zich dus terecht af of ze hier aan bijdragen door het ook in de klas te gebruiken”, verduidelijkt Adriaensen.

Leerkrachten voelen dat alleen digitaal evenveel minpunten heeft als alleen papier.

“We willen bij Van In voornamelijk didactische en kwaliteitsvolle content leveren en zijn niet getrouwd met de digitale, papieren noch hybride versie van leerboeken. We zijn daar heel neutraal in. We kijken naar wat het beste leerrendement oplevert en zoeken naar de juiste mix”, besluit Adriaensen.

Hoe een docent vermoeid raakt door AI en ermee omgaat

De opkomst van door AI gegenereerde teksten frustreert veel docenten, waaronder een universiteitsdocent die worstelt met de toename van AI-geschreven werk. Om zijn passie voor lesgeven terug te vinden, kiest hij ervoor de focus te verleggen van detectie naar het verbeteren van de kwaliteit.

AI-papieren veranderen de dynamiek van lesgeven

Steeds meer studenten gebruiken AI-hulpmiddelen zoals ChatGPT voor schrijfopdrachten. Dit maakt het voor docenten lastig om op de gebruikelijke manier feedback te geven, omdat ze niet langer zeker weten of ze werk van een mens of een machine beoordelen. De docent merkt op dat het zijn relatie met lesgeven heeft veranderd. Hij is niet langer bezig met het helpen ontwikkelen van communicatievaardigheden, maar eerder met het onderzoeken van de herkomst van teksten en het handhaven van ethische normen in plaats van lesgeven.

Deze situatie heeft hem ertoe gebracht te overwegen om een semester vrij te nemen, iets wat hij in zijn tienjarige loopbaan nog nooit heeft overwogen. Uiteindelijk besloot hij echter door te gaan met lesgeven, zij het met een nieuwe aanpak.

De focus verleggen naar kwaliteit

In plaats van zich volledig te concentreren op de vraag of een tekst door AI is geschreven, richt de docent zich nu op de kwaliteit ervan. Slechte kwaliteit blijft slechte kwaliteit, ongeacht wie of wat het geschreven heeft. Hij heeft zijn studenten geïnformeerd dat hij teksten die AI-kenmerken vertonen strenger beoordeelt. Dit zou studenten moeten ontmoedigen om op AI te vertrouwen en hen aanmoedigen om zelf betere resultaten te behalen door hun eigen schrijfvaardigheid te ontwikkelen.

Hoewel hij erkent dat er altijd AI-papieren zullen zijn die hij over het hoofd ziet, accepteert hij dat. Hij richt zich nu op het verbeteren van de schrijfkwaliteit en het helpen van studenten, zelfs als ze AI hebben gebruikt om hun werk te creëren. Deze nieuwe aanpak helpt hem zijn AI-vermoeidheid te verminderen en zijn energie weer op lesgeven te richten.

De waarde van schrijven herdefiniëren

De docent gelooft dat de manier waarop schrijven vaak wordt onderwezen, moet veranderen. Het idee dat studenten goed moeten leren schrijven om hun carrièrevooruitzichten te verbeteren, vindt hij achterhaald. In plaats daarvan benadrukt hij dat schrijven een fundamenteel menselijke manier is om gedachten en emoties te uiten. Schrijven helpt mensen niet alleen om te communiceren, maar ook om diepere cognitieve processen te ontwikkelen.

Zijn boodschap aan studenten is dat schrijven niet alleen gaat over het verbeteren van een cv of sollicitatiebrief, maar over het koesteren van een van de meest menselijke vaardigheden. Met deze insteek hoopt hij studenten te inspireren om zich meer betrokken te voelen bij het schrijfproces, zelfs in een tijdperk waarin AI steeds meer taken overneemt.

Microsoft biedt AI-oplossingen voor onderwijsinstellingen

Microsoft lanceert nieuwe AI-oplossingen om leerkrachten, schoolleiders en IT-teams te ondersteunen bij hun dagelijkse taken.

Deze tools helpen tijd te besparen, lessen te personaliseren en de operationele efficiëntie te verbeteren, waardoor er meer ruimte komt voor de focus op studenten.

AI-ondersteuning voor leerkrachten

Microsoft biedt verschillende AI-tools die leerkrachten ondersteunen in hun onderwijspraktijk. Met Microsoft Copilot kunnen leerkrachten gepersonaliseerde lesinhoud creëren en feedback geven die afgestemd is op de individuele leerbehoeften van studenten. Dit bespaart tijd en maakt meer persoonlijke interactie mogelijk. Copilot werkt naadloos samen met Microsoft 365-apps zoals Word, PowerPoint en Outlook, waar het kan helpen met taken zoals het genereren van schrijfoefeningen, vertalingen en samenvattingen van complexe onderwerpen.

Microsoft Teams for Education beschikt ook over AI-functionaliteiten, zoals geautomatiseerde rubrieken voor het beoordelen van opdrachten en het creëren van op maat gemaakte lesmodules. Bovendien biedt de AI Classroom Toolkit handvaten om leerlingen tussen 13 en 15 jaar te leren hoe ze AI op een verantwoorde manier kunnen gebruiken.

Ondersteuning voor schoolleiders en IT-teams

Ook voor schoolleiders en IT-teams biedt Microsoft oplossingen. Copilot voor Microsoft 365 kan helpen met het stroomlijnen van administratieve taken, zoals het samenvatten van e-mailthreads of het opstellen van rapporten. Power BI, met geïntegreerde Copilot-functionaliteit, maakt het eenvoudiger om gegevens te analyseren en rapporten te genereren, wat cruciaal is voor het volgen van leerprestaties en het optimaliseren van schoolprocessen.

IT-teams kunnen gebruikmaken van GitHub Copilot voor efficiënter coderen en Microsoft Defender voor het versterken van de beveiliging van schoolnetwerken en apparaten. Copilot for Security, in combinatie met Microsoft Sentinel, helpt bij het sneller detecteren van bedreigingen en het rapporteren van incidenten.

Met deze AI-tools hoopt Microsoft onderwijsinstellingen te ondersteunen bij het verbeteren van hun efficiëntie en veiligheid, zodat er meer aandacht kan gaan naar wat echt telt: de studenten.

Google introduceert AI-tools voor het nieuwe schooljaar

Foto: GEG BE/NL

Google lanceert nieuwe AI-functies om het schooljaar makkelijker te maken voor leerlingen, leerkrachten en ouders.

Deze tools zijn ontworpen om leren te personaliseren, het onderwijs te ondersteunen en ouders te helpen hun kinderen veilig met technologie om te laten gaan.

AI-tools voor leerlingen

Leerlingen van 18 jaar en ouder kunnen nu Google Gemini gebruiken via hun schoolaccounts. Dit AI-chatprogramma stelt hen in staat vragen te stellen over lesmateriaal, zonder dat hun gegevens worden gebruikt om AI-modellen te trainen. Google breidt Gemini binnenkort ook uit naar jongere tieners, met aangepaste veiligheidsmaatregelen. Daarnaast kunnen leerlingen met de nieuwe functies van Google Lens en AI Overviews sneller antwoorden vinden op huiswerkvragen en concepten beter begrijpen. YouTube voegt AI-functionaliteiten toe die uitleg geven bij educatieve video’s, terwijl NotebookLM helpt bij het maken van aantekeningen en samenvattingen van lesmateriaal.

Ondersteuning voor leerkrachten en ouders

Ook voor leerkrachten biedt Google nieuwe mogelijkheden. Google Workspace for Education en Chromebooks krijgen AI-updates die helpen met het plannen van lessen en het volgen van leerlingen. Leerkrachten kunnen zelfs eigen AI-experts, genaamd ‘Gems’, creëren die gepersonaliseerde hulp bieden voor specifieke taken zoals het opstellen van lesplannen. Google biedt daarnaast een cursus aan om docenten wegwijs te maken in generatieve AI, zonder dat ze al technische kennis nodig hebben.

Voor ouders zijn er nieuwe mogelijkheden om de technologie die hun kinderen gebruiken te beheren. Zo kunnen ze met de School Time-functie op slimme apparaten de toegang van hun kinderen tot apps tijdens schooltijd beperken. Bovendien kunnen ouders met Family Link een oogje in het zeil houden wanneer hun kinderen Chromebooks gebruiken. Google zorgt er verder voor dat jongeren veilig met AI kunnen werken via strengere regels en een stapsgewijze onboarding voor Gemini.

Google biedt hiermee een breed scala aan AI-oplossingen om zowel het leren als het lesgeven efficiënter en veiliger te maken in het nieuwe schooljaar.

[adv] Logitech voor het onderwijs: in het hart van digitale transformatie

[Advertorial] Ben je klaar om een transformerende reis in het onderwijs te beginnen? Ontdek hoe Logitech voorop loopt in de digitale revolutie in klaslokalen over de hele wereld. De afgelopen twee jaar hebben een ongekende versnelling van digitale transformatie gezien, gedreven door de wereldwijde coronapandemie.

Terwijl onderwijsinstellingen zich snel aanpasten aan virtuele leeromgevingen, stond Logitech vooraan in de ondersteuning van zowel docenten als leerlingen. De toewijding van Logitech om de leerervaring te verbeteren was volgens het bedrijf nog nooit zo sterk.

Het Vermogen van Docenten en Leerlingen Vergroten

Deze whitepaper toont hoe Logitech de weg effent voor een toekomstgerichte klaservaring. Waar docenten nieuwe uitdagingen aangaan en zich aanpassen aan steeds veranderende leerstijlen, staan innovatieve oplossingen klaar om de kwaliteit van het onderwijs naar een hoger niveau te tillen. Of het nu gaat om het bevorderen van gepersonaliseerd leren, het aanmoedigen van samenwerking in kleine groepen of het verbeteren van klassikale instructie, de technologie van Logitech stelt zowel docenten als leerlingen in staat om te excelleren.

Bij Logitech staan duurzame praktijken voorop. De toewijding om de milieu-impact te minimaliseren is duidelijk zichtbaar in elke fase van het productlevenscyclus. Van verantwoord verkregen materialen tot efficiënte verpakkingen weerspiegelen de ontwerpen Logitechs inzet voor het creëren van een betere toekomst voor komende generaties. Deze whitepaper geeft inzicht in de samenwerking van Logitech met onderwijsinstellingen en European.

Hieronder kan je de whitepaper van Logitech downloaden

Raspberry Pi 5 flink goedkoper dankzij 2 GB-variant

Raspberry Pi 5 krijgt een goedkopere variant met 2 GB RAM aan boord. De nieuwe versie is vanaf nu beschikbaar.

Alles-in-één-bord Raspberry Pi is al aan zijn vijfde iteratie toe en blijft populair om programmeren en fysiek computergebruik te leren. Helaas klom de prijs bij elke versie een stapje hoger omwille van meer rekenkracht en extra opties.

De Raspberry Pi 5 met 4 GB RAM kost 66,95 euro. Nu voegt de fabrikant een goedkopere variant toe aan de line-up. Het instapmodel met 2 GB RAM kost 56,95 euro. Beide prijzen zijn inclusief btw.

Het geheugen is niet het enige dat is veranderd in de 2 GB-versie. Er zit ook een nieuwe Broadcom-processor op, de BCM2712D0. Die is identiek in functionaliteit dan de Broadcomchip op de andere bordjes, de BCM2712C1. Het enige verschil is dat in de goedkopere variant sommige functies die toch al waren uitgeschakeld op de duurdere modellen, fysiek eruit werden gehaald. Beide hebben nog steeds een Cortex-A76-chip met vier kernen aan boord die op 2,4 GHz draaien.

Door die nieuwe chip kon de fabrikant de Raspberry Pi 5 naar een nog lager prijspunt krijgen. Dat komt niet slecht uit, want vergeleken met de Raspberry Pi 4 is het nieuwste model gemiddeld 20 euro duurder geworden. Voor wie met één apparaat aan de slag gaat, blijft de prijs democratisch. Wie grotere proof-of-concept-projecten wil realiseren en tientallen toestellen nodig heeft of heel wat apparaten in een school gebruikt, telt dat verschil wél door. Wanneer 2 GB RAM al ruim voldoende is, kan je flink besparen.

Een Raspberry Pi 5 met 2 GB RAM kan je vanaf vandaag bestellen aan een adviesprijs van 56,95 euro. De versie met 4 GB RAM kost 66,95 euro. Het topmodel met 8 GB RAM gaat voor 87,95 euro over de toonbank. Alle prijzen zijn inclusief btw.

Windows laat eindelijk meerdere apps tegelijk je webcam gebruiken

Windows 11 24H2 krijgt een Multi-app cameramodus die toelaat dat meerdere apps tegelijk de webcam in je laptop gebruiken. Een frustrerende beperking wordt weggenomen.

Windows en webcams, het is vaak een frustrerende combinatie. Tot op heden was het altijd mogelijk je webcam maar in één app te gebruiken. Wilde je de webcam in een andere app gebruiken, dan diende je de eerste applicatie eerst af te sluiten. Die tussenstap zal vanaf Windows 11 24H2 niet meer nodig zijn, merkte Windows Latest op in een previewversie van de update.

Meerdere apps tegelijk

Windows 11 krijgt binnenkort een Multi-app cameramodus, die toelaat om je webcam in meerdere apps tegelijk te gebruiken. In deze modus zal het wel niet mogelijk om webcaminstellingen rechtstreeks aan te passen vanuit de apps die je camera gebruiken. Dit zal enkel vanuit de Windows-instellingen kunnen: Microsoft houdt het dus nog een beetje omslachtig.

Over waarom de webcam in Windows beperkt blijft tot één app bestaan veel theorieën, maar niemand die de exacte reden weet. Privacy kan een argument zijn, om te vermijden dat je je webcam actief houdt in een app die je niet meer aan het gebruiken bent.

Het zou ook nog een technische beperking uit eerdere Windows-versies kunnen zijn toen webcams nog veel rekenkracht vereisten. Aanvankelijk gold deze beperkingen ook voor audio en microfoon, maar dit werd eerder aangepakt door Microsoft.

Basismodus

De Windows 11 24H2-update zal nog een extra nieuwe cameramodus introduceren: Basic Mode. In deze modus zet je je webcam terug naar de basisinstellingen en -functionaliteiten. Dit maakt het voor de doorsnee gebruiker eenvoudiger om problemen met de camera op te lossen.

De update wordt in de herfst verwacht en zal tal van nieuwe functionaliteiten introduceren. Het zal de grootste en belangrijkste Windows-update van het jaar zijn.

Microsoft Teams brengt persoonlijke en schoolaccounts samen

Microsoft rolt een nieuwe versie van Teams uit die het veel eenvoudiger maakt om te wisselen tussen persoonlijke en schoolaccounts.

Gebruik je Microsoft Teams voor videovergaderingen, maar ook voor persoonlijke vergaderingen? Vroeger moest je dan altijd twee versies van het videovergaderplatform installeren. Microsoft beschouwde de versie voor bedrijven en de versie voor particulieren als twee afzonderlijke platformen.

Daar komt vanaf vandaag verandering in. Na de aankondiging in maart begint Microsoft met de brede uitrol van een nieuwe Teams-app die je verschillende accounts samenbrengt.

Alle accounts op één plek

Volgens Microsoft was er onder Teams-gebruikers grote vraag naar één applicatie voor particuliere en professionele accounts. Je zal eenvoudig tussen je accounts kunnen wisselen door op je profiel te klikken. Ook bij het betreden van een vergadering, zal Teams je vragen met welk account je wil toetreden. Notificaties zullen eveneens tonen voor welk account ze bestemd zijn.

Microsoft zal deze vernieuwde Teams-ervaring vanaf vandaag naar iedereen beginnen uitrollen. Gebruik je de Teams-app op Windows of Mac, dan zal de update normaal gezien automatisch gebeuren. Nieuwe gebruikers kunnen de Teams-app installeren via de website van Microsoft. De standalone app voor particulieren zal hiermee ook verdwijnen.

Microsoft Teams 2.0

Het is een jaar van grote veranderingen voor Microsoft Teams. Sinds enkele weken is iedereen overgezet op ‘Teams 2.0’. Het nieuwe Teams-platform is sneller, lichter en zuiniger dan de klassieke versie.

Nu is Microsoft bezig met iedereen op de nieuwe Outlook te krijgen. De nieuwe versie is voor iedereen beschikbaar, maar voorlopig kan je nog terug naar de oude versie als je die verkiest. Microsoft hoopt dat iedereen wel snel de overstap maakt.

Google Classroom introduceert Student Groups voor eenvoudigere groepsopdrachten

Google maakt het eenvoudiger en sneller om groepswerk toe te wijzen in Google Classroom met de nieuwe functie ‘Student Groups’. Docenten kunnen nu individuele leerlingen aan vooraf gedefinieerde groepen toevoegen voordat ze groepsopdrachten creëren en toewijzen.

Google Classroom, dat dit jaar zijn tiende verjaardag viert, start het nieuwe schooljaar met verschillende updates. Naast de introductie van Student Groups lanceert Google een Education Navigator, een Read Along-functie, en een Dark Mode voor de mobiele app. Vooral de Student Groups-functie werd lang verwacht door docenten.

Voorheen moesten docenten eerst een opdracht aanmaken en vervolgens leerlingen individueel toevoegen als ze groepswerk wilden toewijzen. Dit werkte wel voor af en toe een groepsopdracht, maar was omslachtig voor docenten die regelmatig groepswerk geven, vooral als dezelfde groepen het hele schooljaar behouden bleven.

Nieuwe functies voor het nieuwe schooljaar

Met de nieuwe functie kunnen docenten vanuit het ‘People’-tabblad met één druk op de knop groepen creëren, benoemen en aanpassen. Deze groepen zijn daarna beschikbaar bij het aanmaken van opdrachten, wat het proces aanzienlijk vereenvoudigt. Eerder voegde Google al de mogelijkheid toe om klassenlijsten te importeren vanuit bepaalde Student Information Systems (SIS), waardoor het handmatig toevoegen van leerlingnamen in nieuwe klassen niet langer nodig was.

Outlook, Word en OneNote crashen: zo los je het op

Enkele Microsoft Office-applicaties waaronder Outlook, Word en OneNote kunnen crashen op onverwachte momenten. Microsoft deelt een oplossing voor het probleem.

Microsoft bevestigde op 15 augustus problemen met Outlook, Word en OneNote. De applicaties kunnen crashen tijdens het opstarten of tijdens eenvoudige handelingen zoals het typen van tekst of het uitvoeren van een spellingscontrole. De bug treft versie 2407 (Build 17830.20138), de update die begin augustus werd uitgerold.

Verouderde taalpakketten

De oorzaak van het problemen ligt bij niet-geüpdatete taalpakketten voor Office. Via het Windows Logboek kan je naar de boosdoener op jouw pc zoeken in het eventverslag van de crash. De modulenaam mscss7xx.dll verwijst naar het niet-functionerende taalpakket: de versie van de module zal zeer waarschijnlijk niet overeenkomen met de applicatieversie, wat de crashes veroorzaakt.

Bij Outlook kan er nog een andere oorzaak mogelijk zijn, namelijk verouderde serverregels. Ook deze kan je identificeren via het Logboek. Zoek in een eventrapport naar ucrtbase.dll en controleer of de versie overeenkomt met de versie van Outlook.

Zo los je het op

Microsoft heeft ondertussen een workaround voor de problemen gedeeld. De oplossing hangt af of het probleem bij verouderde taalpakketten of serverregels zit. In het eerste geval stelt Microsoft voor om het niet-functionerende taalpakket te verwijderen en opnieuw te installeren, ofwel een online herstel van de getroffen applicatie uit te voeren.

De oplossingen voor verouderde Outlook-regels ligt bij het uitvoeren van het Clean rules-commando in Windows. Klik met de rechtermuisknop op het Start-menu en selecteer Uitvoeren. Typ vervolgens Outlook.exe /cleanrules in het tekstvak en voer het commando uit: mogelijk moet je na deze stap een nieuw Outlook-profiel aamaken. Via de webtoegang kan je regels ook manueel verwijderen.